Terug
Gepubliceerd op 29/09/2023

Besluit  RAAD VOOR MAATSCHAPPELIJK WELZIJN

di 26/09/2023 - 19:30

GOEDKEUREN VAN AANGEPAST REGLEMENT VOEDSELBEDELING

Aanwezig: Olivier Peirs, voorzitter
Simon Lagrange, voorzitter van het vast bureau
Sophie Delaere, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Tony Boeckaert, leden van het vast bureau
Ward Baeten, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Monique De Smet, Marc Devlieger, Hendrik De Waele, Katrien De Waele, Sofia Ezzine, Henk Heyerick, Lieven Lippens, Talitha Lossy, Marc Nachtergaele, Delphine Vandenbossche, Philippe Van Steenberghe, Steven Van Troys, Pieter Verhalle, Tania Verpraet, Stefanie Vroman, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
Sylvie Bohez, algemeen directeur
Verontschuldigd: Francky De Coster, lid van het vast bureau
Bevoegdheid
  • Artikel 78 van het decreet lokaal bestuur op grond waarvan de raad voor maatschappelijk welzijn bevoegd is voor het vaststellen van reglementen.
Wetten en reglementen
  • De wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
  • De organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
  • Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
  • Het besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn d.d. 19 juni 2018 houdende het goedkeuren reglement voedselbedeling.
Feiten
  • Artikel 57 van de Organieke Wet betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn stelt dat het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn aan personen en gezinnen de dienstverlening verzekert waartoe de gemeenschap gehouden is. Het verzekert niet alleen lenigende of curatieve maar ook preventieve hulp. Het bevordert de maatschappelijke participatie van de gebruikers. Deze dienstverlening kan van materiële, sociale, geneeskundige, sociaal-geneeskundige of psychologische aard zijn.
  • De materiële steun kan uit steun in natura bestaan, zoals de bedeling van voedselpakketten.
  • Op vandaag gebeurt er een maandelijkse voedselbedeling in het OCMW. De producten voor de voedselbedeling worden verkregen via Europa (voornamelijk droge voedingsproducten via ESF+), aangevuld met aangekochte goederen en schenkingen van private personen of verenigingen. 3 keer per jaar worden fruit- en groentepakketten bedeeld.
  • Het vorige reglement voor de voedselbedeling werd goedgekeurd op de raad voor maatschappelijk welzijn van 19 juni 2018.
  • Tijdens de COVID-crisis werden de richtlijnen vanuit de POD MI voor de verdeling van de Europese voedingsproducten versoepeld (maatregelen FEAD van 31 maart 2020). Op die manier kwamen meer mensen tijdelijk in aanmerking voor een voedselpakket. 
  • Bij het opnieuw invoeren van het reglement voor de voedselbedeling werd de toepassing ervan onder de loep genomen en werd het reglement herwerkt. Er werden hiervoor verschillende plaatsbezoeken uitgevoerd bij andere Sociale Kruideniers en Voedselbanken. Het reglement werd op basis van deze bezoeken herwerkt.    
  • De dienst Financiële en Sociale Hulp stelt voor om het reglement voedselbedeling van 19 juni 2018 aan te passen.
  • Het nieuwe reglement voorziet de volgende aanpassingen:
    • De doelgroep wordt ruimer omschreven:
      • Er is niet langer een begrenzing van de doelgroep waarbij enkel cliënten met een actief dossier binnen de dienst Financiële en Sociale Hulp worden toegelaten (leefloon, budgetbeheer, collectieve schuldenregeling of budgetbegeleiding). Iedereen in financiële moeilijkheden kan de vraag stellen om beroep te kunnen doen op de voedselbedeling. Na de aanvraag wordt een financieel en sociaal onderzoek gevoerd om af te toetsen of de aanvrager voldoet aan de voorwaarden zoals opgenomen in het reglement:
        • wonen in Zulte (uitzondering daklozen en studenten die leefloon genieten - cf. bevoegdheidsregels OCMW), 
        • over max. 6.200 euro spaargelden beschikken (verhoogd met 500 euro per persoon ten laste) en 
        • na opmaak van een budgetplan, met een overzicht van de maandelijkse inkomsten en uitgaven, beschikt de aanvrager over minder dan 460 euro leefgeld per maand.
    • De financiële voorwaarden werden gewijzigd:
      • De voorwaarde m.b.t. de spaargelden werd aangepast: van max. 6.200 euro, verhoogd met 3.200 euro per persoon ten laste naar max. 6.200 euro, verhoogd met 500 euro per persoon ten laste.
      • Er werd een inkomensvoorwaarde toegevoegd: na vergelijking van de inkomsten en uitgaven beschikt de aanvrager maandelijks over max. 460 euro leefgeld.
      • Deze bedragen werden opgesteld door de dienst Financiële en Sociale Hulp na vergelijking van diverse reglementen van andere initiatieven.
    • De aanvraagprocedure werd gewijzigd:
      • Aanvragen voor steunverlening via de voedselbedeling werden in het verleden niet voorgelegd aan het bijzonder comité voor de sociale dienst ter goedkeuring. Het oude reglement schreef dit ook niet voor. De procedure in het nieuwe reglement voorziet dit wel.
    • De evaluatieprocedure werd gewijzigd:
      • In het nieuwe reglement wordt gesteld dat alle aanvragen elke zes maanden worden geëvalueerd en dat de verlengingen/stopzettingen worden voorgelegd aan het bijzonder comité voor de sociale dienst ter goedkeuring.
  • De mogelijkheid om een voedselpakket in bijzondere situaties als dringende steun te geven, blijft behouden.
Motivatie
  • Het nieuw reglement biedt de mogelijkheid om als burger de vraag te stellen naar een voedselpakket. Een inkomens- en financieel onderzoek zal uitwijzen of de aanvrager recht heeft op een voedselpakket via de voedselbedeling. 
  • Op die manier kan iedere burger in financiële moeilijkheden de vraag stellen om beroep te kunnen doen op de voedselbedeling, zonder dat er een andere hulpvraag (zoals leefloon, budgetbeheer, collectieve schuldenregeling, ...) dient te zijn. 
  • De nieuwe inkomensvoorwaarde zorgt ervoor dat de voedselbedeling enkel toegankelijk is voor individuen en gezinnen die financieel moeilijk rondkomen.
  • De vernieuwde procedure zorgt ervoor dat elke aanvraag, verlenging en stopzetting van de dienstverlening, wordt voorgelegd aan het bijzonder comité voor de sociale dienst.
  • De voorbije maanden werden gebruikers van de voedselbedeling die volgens het huidige (oude) reglement geen recht hebben op een voedselpakket reeds geïnformeerd.
    De komende maanden zullen de gebruikers geïnformeerd worden over het nieuwe reglement en procedure. De aanvragen zullen op het bijzonder comité voor de sociale dienst gebracht worden ter goedkeuring. 
  • Verder wordt ook het initiatief genomen om de mogelijkheid om beroep te doen op de voedselbedeling kenbaar te maken bij personen die voldoen aan de voorwaarden maar er op vandaag nog geen gebruik van maken.
  • Het reglement zal periodiek worden geëvalueerd en indien nodig worden bijgestuurd.
Beslissing

Artikel 1: De raad voor maatschappelijk welzijn keurt het reglement voedselbedeling goed. Het reglement treedt in werking op 1 november 2023.



Artikel 1: Bevoegdheid

Toekennen van individuele steun op het vlak van maatschappelijke dienstverlening, waaronder materiële hulpverlening in de vorm van een voedselpakket, is een bevoegdheid van het bijzonder comité voor de sociale dienst (art. 113 decreet lokaal bestuur).
Indien dit gaat over steun als dringende steun, dan is dit de bevoegdheid van de voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst (art. 114 decreet lokaal bestuur).

 

Artikel 2: Doelstelling

De voedselbedeling heeft als doel individuen en gezinnen in financiële moeilijkheden maandelijks te voorzien van een kwaliteitsvol pakket met voeding en andere basisbenodigdheden.

 

Artikel 3: Doelgroep

Om aanspraak te kunnen maken op maandelijkse materiële steun via de voedselbedeling, moet de aanvrager voldoen aan de volgende voorwaarden:

  • De aanvrager is woonachtig in Zulte. Uitzondering: daklozen en studenten die een leefloon ontvangen van het OCMW van Zulte, maar niet woonachtig zijn in Zulte.
  • De aanvrager beschikt over maximum 6.200 euro aan spaargelden. Dit bedrag wordt verhoogd met 500 euro per persoon ten laste.
  • De aanvrager dient, na vergelijking van het inkomen en de uitgaven, maandelijks te beschikken over minder dan 460 euro leefgeld.[1]

 

Artikel 4: Steun

De steun die wordt voorzien via de voedselbedeling is een materiële steun, bestaande uit voeding, hygiëneproducten en huisvuilzakken. Deze steun kan ook bedeeld worden als dringende steun.

 

Artikel 5: Toekenning

Indien de aanvrager een actief dossier heeft bij de dienst Financiële en Sociale Hulp, dan richt de cliënt zich met zijn vraag tot zijn of haar dossierbeheerder. Indien de aanvrager geen actief dossier heeft bij de dienst Financiële en Sociale Hulp, dan stelt hij of zij de vraag tot steun via de voedselbedeling tijdens een intakegesprek. Na het intakegesprek wordt een dossierbeheerder aangesteld.

De dossierbeheerder gaat na of de cliënt voldoet aan de voorwaarden, zoals gesteld in artikel 3 van dit reglement. Dit gebeurt aan de hand van een sociaal en financieel onderzoek. Hiervoor levert de cliënt de nodige documenten aan.

Het beschikbare leefgeld wordt aan de hand van de volgende principes berekend:

  • Het beschikbare inkomen van alle gezinsleden wordt samengeteld. Er wordt geen rekening gehouden met kinderbijslag en/of onderhoudsgeld voor de kinderen. Er wordt wel rekening gehouden met persoonlijke onderhoudsgelden.
  • Het inkomen van een cliënt in collectieve schuldenregeling wordt beperkt tot het bedrag dat beschikbaar wordt gesteld aan de cliënt.
  • De volgende maandelijkse kosten worden in rekening gebracht:
  • Huishuur
  • Kosten voor elektriciteit, water en gas
  • Een forfait van 200 euro per volwassene en 150 euro per kind ten laste. Dit forfait omvat kosten zoals verzekering, kledij, telefoon, internet, televisie, voeding, …
  • Indien de cliënt openstaande schulden heeft, wordt een extra forfait van 100 euro in rekening gebracht.

Na afronding van het sociaal onderzoek, wordt de aanvraag ter goedkeuring voorgelegd aan het bijzonder comité voor de sociale dienst. Na deze goedkeuring, kan de cliënt op de eerstvolgende voedselbedeling zijn pakket ontvangen. De cliënt wordt hiervan per brief in kennis gesteld.

 

Artikel 6: Evaluatie

Zesmaandelijks, in januari en juli, wordt onderzocht of de cliënten die beroep doen op de voedselbedeling nog steeds voldoen aan de voorwaarden, zoals gesteld in artikel 3 van dit reglement. Nadien worden de verlengingen en stopzettingen in lijstvorm voorgelegd aan het bijzonder comité voor de sociale dienst.

Het reglement zelf wordt jaarlijks geëvalueerd en desgevallend bijgestuurd.

 

Artikel 7: Stopzetting

Het recht op steun via de voedselbedeling wordt stopgezet wanneer:

  • de cliënt zelf aangeeft geen beroep meer te willen doen op de voedselbedeling.
  • de cliënt niet meer voldoet aan de voorwaarden.
  • de cliënt geen medewerking verleent aan het sociaal onderzoek in kader van de zesmaandelijkse evaluatie.
  • de cliënt zich meermaals dronken of onder invloed aanbiedt bij de voedselbedeling.
  • er wordt vastgesteld dat de goederen uit de voedselbedeling verkocht, verhandeld of achtergelaten worden.
  • de cliënt het voedselpakket 3 keer niet kwam ophalen in de laatste 6 maanden. De pakketten worden enkel uitgedeeld tijdens de bedeelmomenten.
 
Artikel 8: Inwerkingtreding
 
Dit reglement treedt in werking op 1 november 2023.


[1] De voorwaarden worden onderzocht door de dienst Financiële en Sociale Hulp in een sociaal onderzoek volgend op de aanvraag.


 

Artikel 2: Een afschrift van dit besluit wordt bezorgd aan de dienst Financiële en Sociale Hulp en aan de financiële dienst.

Artikel 3:
Het besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 19 juni 2018 houdende goedkeuren van reglement voedselbedeling wordt opgeheven met ingang van 1 november 2023.

Artikel 4:
De voorzitter van het vast bureau maakt het reglement (en de inhoud ervan) via de webtoepassing van de gemeente bekend overeenkomstig artikel 285 §2 en artikel 286 §2.
In uitvoering van artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn op dezelfde dag als de bekendmaking van de besluiten op de webtoepassing van de gemeente, de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking ervan.