Terug
Gepubliceerd op 19/12/2025

Besluit  RAAD VOOR MAATSCHAPPELIJK WELZIJN

di 16/12/2025 - 19:30

GOEDKEUREN AANGEPAST REGLEMENT PARTICIPATIE EN SOCIALE ACTIVERING TOT EIND 2031

Aanwezig: Tony Boeckaert, voorzitter
Simon Lagrange, voorzitter van het vast bureau
Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, leden van het vast bureau
Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
Sylvie Bohez, algemeen directeur
Verontschuldigd: Berkan Nalli, lid van de raad voor maatschappelijk welzijn
Bevoegdheid
  • Artikel 78 van het decreet lokaal bestuur op grond waarvan de raad voor maatschappelijk welzijn bevoegd is voor het vaststellen van reglementen.
Wetten en reglementen
  • De wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
  • De organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
  • Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
  • Het besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn d.d. 15 december 2020 houdende het reglement participatie en sociale activering.
Feiten
  • Het reglement participatie en sociale activering werd goedgekeurd op de raad voor maatschappelijk welzijn van 15 december 2020. De uitgaven werden voor het grootste deel gefinancierd door de jaarlijkse Federale toelage voor participatie en sociale activering. 
  • De Federale overheid heeft beslist om deze toelage vanaf 2026 te schrappen. Het bestuur wenst verder in te zetten op participatie en sociale activering en voorziet daarom het nodige budget in het meerjarenplan.
  • Het reglement participatie en sociale activering werd geëvalueerd. Het huidige reglement en de nieuwe versie worden toegevoegd als bijlage. Er werden enkele aanpassingen doorgevoerd: 
    • De grens van het spaargeld werd gelijkgesteld aan de grenzen in het reglement voedselbedeling: max. 6.200 euro, verhoogd met 500 euro per kind ten laste. 
    • Het maximumbedrag per persoon en per gezin wordt behouden, maar anders omschreven aangezien niet meer gesproken wordt over categorieën:
    • Huidig reglement Voorstel nieuw reglement
      • 75 euro voor een volwassene, te verdelen onder categorie A. 
      • 100 euro voor een minderjarig kind te verdelen onder categorie A en C. 
      • Met een maximum van 250 euro per gezin. Mits motivatie in een sociaal verslag 
        kan hiervan afgeweken worden.
      • maximum 75 euro per volwassene
      • maximum 100 euro 
        voor een minderjarig kind
      • maximum 250 euro per gezin
    • Er worden bepaalde uitgaven expliciet uitgesloten:
      • Fitnessabonnementen
      • Abonnementen voor digitale televisie en streamingdiensten
      • Tickets voor pretpark en cinema
      • Tickets voor verplaatsingen naar het buitenland.
Adviezen
  • De dienst Financiële en Sociale Hulp (FSH) adviseert de goedkeuring van het aangepast reglement participatie en sociale activering gunstig.
Motivatie
  • De tussenkomst participatie en sociale activering zorgt ervoor dat vrijetijdsactiviteiten financieel toegankelijker worden voor personen met een beperkt budget. Op die manier kan men volwaardig participeren aan de maatschappij. 
  • Vrije tijd is vaak één van de eerste uitgaven die worden geschrapt bij een te beperkt besteedbaar budget. 
  • Participatie is belangrijk voor de sociale ontwikkeling en ontplooiing van het individu. 
Financiële impact
  • Het budget staat ingeschreven in het meerjarenplan 2026-2031.
Beslissing

Artikel 1: De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de aanpassing van het reglement participatie en sociale activering goed. Het aangepaste reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en loopt tot en met 31 december 2031.



Artikel 1: Bevoegdheid

Het toekennen van individuele steun, zoals een tussenkomst in het kader van participatie en sociale activering, is een bevoegdheid van het bijzonder comité voor de sociale dienst (art. 113 decreet lokaal bestuur).


Artikel 2: Doelstelling

De financiële tussenkomst in kader van participatie en sociale activering heeft als doel de maatschappelijke integratie en participatie te verhogen en het sociaal isolement te doorbreken door maatschappelijk zinvolle activiteiten te ondernemen.


Artikel 3: Doelgroep

De financiële tussenkomst kan enkel worden toegekend indien aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

  • De aanvrager is woonachtig in Zulte.
    Uitzondering: daklozen en studenten die een leefloon ontvangen van het OCMW van Zulte, maar niet woonachtig zijn in Zulte.
  • De aanvrager verkeert in een sociaal of financieel kwetsbare situatie, vastgesteld na een sociaal en financieel onderzoek.
  • De aangevraagde tussenkomst kadert binnen de doelstelling van participatiebevordering.
  • De aanvrager beschikt over maximum 6.200 euro aan spaargelden. Dit bedrag wordt verhoogd met 500 euro per persoon ten laste.


De volgende doelgroepen zijn bij wet uitgesloten:

  • Personen zonder een wettelijk verblijfsrecht
  • Verzoekers om internationale bescherming
  • Personen van wie de kwetsbare situatie niet kan worden aangetoond


Artikel 4: Steun

De tussenkomst kan worden aangevraagd uit de volgende 2 categorieën:

 

1. Bevorderen van maatschappelijke integratie en participatie van volwassenen

  1. Een tussenkomst in de deelname aan sociale, sportieve of culturele verenigingen
  2. Een tussenkomst in het inschrijvingsgeld en/of de aankoop van cursusmateriaal in kader van een opleidingen binnen een inburgeringstraject en/of activeringstraject
  3. Een tussenkomst in de aankoop van abonnementen voor het openbaar vervoer
  4. Een tussenkomst in de kosten van internet en telefonie
  5. Een tussenkomst voor de aankoop van sportmateriaal en sportkledij

 

2. Bevorderen van maatschappelijke integratie en participatie van kinderen

  1. Een tussenkomst in de deelname aan sociale, sportieve of culturele verenigingen
  2. Een tussenkomst in de kosten voor logopedie en ergotherapie
  3. Een tussenkomst in de schoolkosten (inschrijvingsgeld, uitstappen, schoolmateriaal, …)
  4. Een tussenkomst in de kosten voor kinderopvang (voor- en naschoolse kinderopvang)
  5. Een tussenkomst in de kosten voor zwemlessen
  6. Een tussenkomst voor de aankoop van sportmateriaal en sportkledij

 

De volgende uitgaven komen niet in aanmerking voor een tussenkomst:

  • Fitnessabonnementen
  • Abonnementen voor digitale televisie en streamingdiensten
  • Tickets voor pretpark en cinema
  • Tickets voor verplaatsingen naar het buitenland

 

De tussenkomst wordt beperkt op basis van het aantal gezinsleden. De tussenkomst mag op jaarbasis onderstaande bedragen niet overschrijden:

  • maximum 75 euro per volwassene
  • maximum 100 euro voor een minderjarig kind
  • maximum 250 euro per gezin


De tussenkomst wordt uitbetaald na het voorleggen van de factuur en/of het betaalbewijs. Indien er een tussenkomst kan verkregen worden via de mutualiteit, moet deze eerst verrekend worden.


Artikel 5: Procedure

  1. De aanvrager maakt een afspraak met de dossierbeheerder om de steun aan te vragen.
  2. De dossierbeheerder onderzoekt de financiële en sociale situatie van de aanvrager en zijn/haar gezin. Om de financiële situatie in kaart te brengen worden de inkomsten van alle gezinsleden en de vaste kosten in kaart gebracht.
  3. De dossierbeheerder gaat na of de aanvrager en zijn/haar gezin recht hebben op een UiTPAS met kansentarief. Op die manier kan de financiële drempel bij meerdere activiteiten worden weggenomen.
  4. De aanvraag wordt genoteerd op de lijst met tussenkomsten participatie en sociale activering. Deze lijst wordt ter goedkeuring voorgelegd op het eerstvolgende bijzonder comité voor de sociale dienst.
  5. Nadat een beslissing werd genomen door het bijzonder comité voor de sociale dienst, wordt de cliënt hiervan per brief in kennis gesteld.
  6. Bij een positieve beslissing wordt de tussenkomst uitbetaald na het voorleggen van de factuur en/of het betaalbewijs.


Artikel 6: Inwerkingtreding

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026. 

 


 

Artikel 2: Het reglement participatie en sociale activering, zoals goedgekeurd door de raad voor maatschappelijk welzijn op 15 december 2020 wordt opgeheven vanaf 1 januari 2026.

 

Artikel 3: Een afschrift van dit besluit wordt bezorgd aan de dienst Financiële en Sociale Hulp en aan de dienst Financiën.


Artikel 4: De voorzitter van het vast bureau maakt het reglement (en de inhoud ervan) via de webtoepassing van de gemeente bekend overeenkomstig artikel 285 §2 en artikel 286 §2.
In uitvoering van artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn op dezelfde dag als de bekendmaking van de besluiten op de webtoepassing van de gemeente, de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking ervan.