Terug
Gepubliceerd op 19/12/2025

Notulen  RAAD VOOR MAATSCHAPPELIJK WELZIJN

di 16/12/2025 - 19:30 Gemeentehuis
Aanwezig: Tony Boeckaert, voorzitter
Simon Lagrange, voorzitter van het vast bureau
Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, leden van het vast bureau
Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
Sylvie Bohez, algemeen directeur
Verontschuldigd: Berkan Nalli, lid van de raad voor maatschappelijk welzijn
Afwezig: Céleste Heyerick, Delphine Vandenbossche, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
  • Openbaar

    • Normaal

      • Algemeen beleid

        • GOEDKEUREN VAN DE NOTULEN EN HET ZITTINGSVERSLAG VAN DE RAAD VOOR MAATSCHAPPELIJK WELZIJN VAN 25 NOVEMBER 2025

          Aanwezig: Tony Boeckaert, voorzitter
          Simon Lagrange, voorzitter van het vast bureau
          Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, leden van het vast bureau
          Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Sylvie Bohez, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Berkan Nalli, lid van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Afwezig: Céleste Heyerick, Delphine Vandenbossche, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Bevoegdheid
          • Artikel 277 §1 van het decreet lokaal bestuur stelt dat de algemeen directeur de vergaderingen van de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn bijwoont en verantwoordelijk is voor het opstellen en bewaren van de notulen en het zittingsverslag ervan. 
          Wetten en reglementen
          • Artikel 278 van het decreet lokaal bestuur stelt dat de notulen van de vergaderingen in chronologische volgorde de beslissingen en het resultaat van de stemming vermelden. De zittingsverslagen vermelden daarenboven de essentie van de tussenkomsten en van de mondeling en schriftelijk gestelde vragen en antwoorden. Als de raden een aangelegenheid in besloten zitting behandelen, vermelden de notulen alleen de beslissingen en wordt er geen zittingsverslag opgesteld.
          • Artikel 32 en artikel 74 van het decreet lokaal bestuur stellen dat de notulen en het zittingsverslag van de vorige vergadering ten minste 8 dagen voor de dag van de vergadering ter beschikking gesteld worden van de raadsleden.
            Elk raadslid heeft het recht tijdens de vergadering opmerkingen te maken over de redactie van de notulen en het zittingsverslag van de vorige vergadering. 
            Als die opmerkingen door de raad worden aangenomen, worden de notulen en het zittingsverslag in die zin aangepast.
            Als er geen opmerkingen worden gemaakt over de notulen en over het zittingsverslag van de vorige vergadering, worden de notulen en het zittingsverslag als goedgekeurd beschouwd.
          • De notulen en het zittingsverslag van de raden worden, na goedkeuring, door resp. de voorzitter en door de algemeen directeur ondertekend.
          Feiten
          • De ontwerpnotulen en het ontwerpzittingsverslag zijn meegestuurd met de agenda van de volgende vergadering.
          Motivatie
          • Er werden geen opmerkingen noch bezwaren geformuleerd m.b.t. de inhoud van de notulen en het zittingsverslag.
          Publieke stemming
          Aanwezig: Tony Boeckaert, Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, Sylvie Bohez
          Voorstanders: Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, Tony Boeckaert
          Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
          Beslissing

          Enig artikel: De notulen en het zittingsverslag van de raad voor maatschappelijk welzijn van 25 november 2025 worden goedgekeurd. 

      • Financien

        • VASTSTELLEN RETRIBUTIEREGLEMENT 2026-2031 SOCIAAL HUIS

          Aanwezig: Tony Boeckaert, voorzitter
          Simon Lagrange, voorzitter van het vast bureau
          Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, leden van het vast bureau
          Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Sylvie Bohez, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Berkan Nalli, lid van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Bevoegdheid
          • Artikel 78, 3° van het decreet lokaal bestuur op grond waarvan de raad voor maatschappelijk welzijn bevoegd is voor het vaststellen van reglementen.
          Wetten en reglementen
          • Het gecoördineerd tariefreglement Sociaal Huis zoals vastgesteld in de raad voor maatschappelijk welzijn van 26 augustus 2025.
          Feiten
          • De financiële toestand van het lokaal bestuur vereist retributies die in redelijke verhouding staan tot de kostprijs van de dienst.
          • De inflatie is sinds 2020 met 25% toegenomen en de retributies werden niet aangepast.
          • Benchmarks met andere lokale besturen wijzen uit dat vele retributies laag tot zeer laag zijn in Zulte. 
          • Kostprijsanalyses wijzen uit dat bepaalde retributies niet in verhouding staan tot de kostprijs.
          • Daarom wordt een algemene aanpassing doorgevoerd van de retributies aan de gestegen levensduurte met een verhoging van 25% tenzij anders werd bepaald.
          • Daarom worden de meeste retributies voortaan geïndexeerd volgens de gezondheidsindex. De te indexeren retributies worden in het blauw weergegeven.
          • Volgende andere wijzigingen aan het reglement worden voorgesteld:
            • Hoofdstuk 2: toevoeging indexatieformule volgens gezondheidsindex en afrondingsregels
            • Hoofdstuk 5.1 verblijfsmoment IBO: aanpassing korting van 10% vanaf tweede kind voor inwoners
            • Hoofdstuk 5.4.3 aanwezigheid zonder registratie IBO: toevoeging administratieve kost voor aanwezigheden zonder registratie (profiel) in de software
            • Hoofdstuk 6.1 administratiekost voor huishulp met dienstencheques: geen begrenzing van maximale bedrag per jaar meer
            • Hoofdstuk 7 Mobitwin: aanpassing van naam mindermobielencentrale naar Mobitwin.
          Motivatie
          • Gezien de afwezigheid van de fractieleider Berkan Nalli wordt raadslid Stephen Vandenbossche als vervangend fractieleider aangeduid namens de fractie Open Zulte. 
          Bespreking
          • Lid van het vast bureau Olivier Peirs licht het agendapunt ter zitting toe. 
          • Raadslid Ward Baeten vraagt waarom de retributies in 1 keer met 25% worden opgetrokken. Waarom werd dit niet meer/beter in de tijd gespreid? 
          • Lid van het vast bureau Olivier Peirs stelt dat de retributies sedert 2019 niet aangepast zijn. In de feiten is er dus eigenlijk geen verhoging, rekening houdend met de inflatie.  
          Publieke stemming
          Aanwezig: Tony Boeckaert, Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, Sylvie Bohez
          Voorstanders: Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Katrien De Waele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Tony Boeckaert
          Onthouders: Ward Baeten, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Aline Van den Weghe
          Resultaat: Met 15 stemmen voor, 9 onthoudingen
          Beslissing

          Artikel 1: De raad voor maatschappelijk welzijn stelt het gecoördineerd retributiereglement 2026-2031 Sociaal Huis vast. Het reglement wordt als bijlage bij het besluit gevoegd en geviseerd.

          Artikel 2: Het reglement treedt in werking op 1 januari 2026. Het reglement vervangt het gecoördineerd tariefreglement van de raad voor maatschappelijk welzijn van 26 augustus 2025, dat wordt opgeheven met ingang van 1 januari 2026.

          Artikel 3: De voorzitter van het vast bureau maakt de reglement via de webtoepassing van de gemeente bekend overeenkomstig artikel 285 §2 en artikel 286 §2. In uitvoering van artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn op dezelfde dag als de bekendmaking van de besluiten op de webtoepassing van de gemeente, de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking ervan.

        • VASTSTELLEN LIJST NOMINATIEVE SUBSIDIES VOOR HET JAAR 2026 - DEEL OCMW

          Aanwezig: Tony Boeckaert, voorzitter
          Simon Lagrange, voorzitter van het vast bureau
          Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, leden van het vast bureau
          Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Sylvie Bohez, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Berkan Nalli, lid van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Bevoegdheid
          • Artikel 78, 17° van het decreet lokaal bestuur op grond waarvan de raad voor maatschappelijk welzijn bevoegd is voor het vaststellen van de subsidiereglementen en het toekennen van nominatieve subsidies.
          Wetten en reglementen
          • Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
          Feiten
          • Jaarlijks wordt een lijst opgemaakt van nominatieve subsidies aan verenigingen, andere overheden, VZW's. Deze subsidies kunnen exploitatietoelagen of investeringstoelagen zijn. Deze subsidies zijn niet onderworpen aan een subsidiereglement.
          • Niettegenstaande de lijst van nominatieve subsidies vanaf 2020 geen onderdeel meer uitmaakt van het meerjarenplan zijn de nodige kredieten wel voorzien in dit beleidsrapport.
          • Er wordt een nieuwe lijst voor het dienstjaar 2026 voorgelegd - zie bijlage: de reeds gekende toelagen werden opgenomen in dit besluit.
          • Wat is bijzonder aan deze lijst van nominatieve toelagen 2026?
            Een aantal van de toelagen die tot in 2025 werden ondergebracht als 'nominatieve' toelage, werden nu (al dan niet voorlopig) niet opgenomen op de lijst. 
            Immers worden deze herbekeken in het licht van een nieuw subsidiereglement, vanuit de dienst Vrije Tijd, waarbij ingezet wordt op vereenvoudiging, transparantie en digitalisering. Dit reglement is nog in voorbereiding en zal voorgelegd worden aan de raad in het voorjaar 2026. Op dat ogenblik zal ook de nominatieve toelagenlijst aangepast worden. De momenteel niet opgenomen toelagen worden ook pas op het einde van het jaar uitbetaald, waardoor er geen wijziging in timing voor de begunstigde is.
          • De huidige lijst van 2026 bevat de toelagen zoals ook opgenomen in het oorspronkelijk meerjarenplan 2026-2031.
          • De beperkte lijst bevat slechts twee toelagen: één toelage aan VZW De Brugge, en ook een toelage aan "Op Wielekes".
            • jaarlijkse toelage aan VZW De Brugge van 6.600 euro (stijging met 10%),  rekening houdend met o.a. de stijgende tendens van de vaste kosten - administratie van VZW De Brugge
            • éénmalige toelage aan "Op Wielekes" van 1.500 euro (naar analogie met vorig meerjarenplan).
          Adviezen
          • Er werd een financieel advies ingewonnen.
          • De financieel directeur gaf haar visum 2025/133 over deze lijst op 26 november 2025.
          Financiële impact
          • De lijst van nominatieve subsidies bevatten de budgetcodes die overeenkomen met de budgetten in het meerjarenplan/budget.
          Bespreking
          • Lid van het vast burerau Olivier Peirs licht het agendapunt ter zitting toe.
          • Raadslid Luc Roggeman verwijst naar de subsidie voor De Brugge.  Er is meer nood aan hygiëneproducten en conserven.  De subsidie volstaat niet.  
          • Raadslid Ward Baeten is tevreden met de stijging van de subsidie.  De voedselbanken zouden evenwel op termijn minder fondsen ontvangen.  Hoe zal dit aangepakt worden?
          • Voorzitter van het vast bureau Simon Lagrange verklaart hoe de subsidie voor de Brugge is tot stand gekomen.  Op voorstel van raadslid Marc Devlieger werd dit bedrag voorgesteld.  De vaste kosten zijn ongeveer met 10% gestegen, vandaar dat de subsidie met 10% wordt opgetrokken.   Dit is een zeer mooie tegemoetkoming.  De impact op het niveau van de voedselbanken moeten gekeken worden. 
          Publieke stemming
          Aanwezig: Tony Boeckaert, Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, Sylvie Bohez
          Voorstanders: Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, Tony Boeckaert
          Onthouders: Luc Roggeman
          Resultaat: Met 23 stemmen voor, 1 onthouding
          Beslissing

          Artikel 1: De raad voor maatschappelijk welzijn stelt de lijst van nominatieve subsidies 2026 - deel OCMW vast, zoals toegevoegd in bijlage.

          Artikel 2:
          Overeenkomstig artikel 286 §2 van het decreet lokaal bestuur maakt de voorzitter van het vast bureau het besluit en de inhoud ervan bekend via de webtoepassing van de gemeente (gekwalificeerd als "reglement"). 
          Op dezelfde dag brengt het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur de toezichthoudende overheid op de hoogte.

        • KENNISNAME GOEDKEURING JAARREKENING 2024 DOOR TOEZICHTHOUDENDE OVERHEID

          Aanwezig: Tony Boeckaert, voorzitter
          Simon Lagrange, voorzitter van het vast bureau
          Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, leden van het vast bureau
          Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Sylvie Bohez, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Berkan Nalli, lid van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Bevoegdheid
          • Artikel 332, §1, 3° van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
          Feiten
          • De toezichthoudende overheid keurde de jaarrekening 2024 goed. Deze beslissing moet ter kennis worden gegeven op de raad.
          Bespreking
          • Lid van het vast bureau Olivier Peirs licht het agendapunt ter zitting toe.
          Beslissing

          Enig artikel: De raad voor maatschappelijk welzijn neemt kennis van de goedkeuring van de jaarrekening 2024 door de toezichthoudende overheid.

        • VASTSTELLEN MEERJARENPLAN 2026-2031 - DEEL OCMW

          Aanwezig: Tony Boeckaert, voorzitter
          Simon Lagrange, voorzitter van het vast bureau
          Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, leden van het vast bureau
          Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Sylvie Bohez, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Berkan Nalli, lid van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Afwezig: Marc Nachtergaele, lid van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Bevoegdheid
          • Artikel 78, 4° van het decreet lokaal bestuur op grond waarvan de raad voor maatschappelijk welzijn bevoegd is voor het vaststellen van de beleidsrapporten.
          Wetten en reglementen
          • Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
          • Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale en de provinciale besturen.
          • Ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen.
          • Omzendbrief KBBJ/ABB 2025/1 betreffende de strategische meerjarenplannen 2026-2031 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus
          Feiten
          • Het decreet lokaal bestuur bepaalt dat het meerjarenplan start in het tweede jaar na de lokale verkiezingen en loopt tot het einde van het jaar na de daaropvolgende verkiezingen. Het meerjarenplan vormt de basis voor het beleid van het bestuur gedurende de komende 6 jaar. 
          • Het meerjarenplan wordt opgemaakt volgens de regels over de beheers- en beleidscyclus (BBC 3.0).
          • De omgevingsanalyse is een verplicht onderdeel van het meerjarenplan en geeft een beeld van de behoeften van de interne en externe belanghebbenden, van de sterktes en zwaktes van het bestuur en van de bedreigingen en opportuniteiten.
          • De lokale planning is geïntegreerd. Gemeente en openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn stellen een gezamenlijk meerjarenplan vast, dat door beide raden wordt vastgesteld en vertrekken hierbij van een gezamenlijke doelstellingenboom. Ook het financieel evenwicht wordt beoordeeld voor de gemeente en het OCMW samen.
          • De gemeenten en OCMW's hebben een geïntegreerd meerjarenplan maar hebben hun eigen bevoegdheden voor de vaststelling ervan. Zowel de gemeenteraad als de raad voor maatschappelijk welzijn moeten eerst hun eigen deel van het meerjarenplan vaststellen. Daarna kan de gemeenteraad het deel van het meerjarenplan dat de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld, goedkeuren, waardoor het meerjarenplan definitief is vastgesteld. Deze regel geldt vanzelfsprekend ook voor elke aanpassing van het meerjarenplan.
          • Onmiddellijk na de definitieve vaststelling van het meerjarenplan moet het bestuur de digitale rapportering aan het Agentschap Binnenlands Bestuur bezorgen vanuit de lokale toepassing.
          Adviezen
          • Het gunstig advies van het Lokaal Overleg Kinderopvang van 12 november 2025.
          • Het gunstig advies van de GECORO van 24 november 2025.
          • Het gunstig advies van de adviesraad lokale economie van 27 november 2025.
          • Het advies van de seniorenadviesraad van 4 november 2025 met opmerkingen en suggesties.
          • Het advies van de raad mensen met een beperking van 4 november 2025 met opmerkingen en suggesties.
          • Het advies van de sportraad van 24 november 2025 met opmerkingen en suggesties.
          • Het advies van de cultuurraad van 26 november 2025 met opmerkingen en suggesties.
          • Het gunstig advies van de jeugdraad van 12 november 2025.
          • Het advies van de milieuraad van 27 november 2025 met opmerkingen en suggesties.
          • Het gunstig advies van de adviesraad mobiliteit en verkeersveiligheid van 1 december 2025.
          • Het advies van de bibliotheekraad van 10 december 2025 (wordt naderhand toegevoegd).
          Motivatie
          • Het meerjarenplan 2026-2031 werd voorbereid en opgesteld door de algemeen directeur en financieel directeur, in overleg met het managementteam en op maandag 1 december 2025 overgemaakt aan alle raadsleden.
          • Het meerjarenplan is financieel in evenwicht aangezien :
            • het geraamd beschikbaar budgettair resultaat in geen enkel jaar negatief is
            • de geraamde autofinancieringsmarge (AFM) voor 2031 minstens gelijk is aan nul.
          • De jaarrekening 2024 is in het meerjarenplan verwerkt.
          • De financiële risico's zijn afdoende beschreven, alsook de middelen en mogelijkheden waarover het bestuur beschikt om zich tegen die risico's in te dekken.
          Financiële impact
          • De financiële impact blijkt uit het meerjarenplan zelf.
          Bespreking
          • Het meerjarenplan werd uitgebreid toegelicht door het college van burgemeester en schepenen op de bijkomende raadscommissie van 27 november 2025 en door de financieel directeur Annelies Demeurie op de algemene raadscommissie van 11 december 2025.
          • Het bestuur licht het aangepast meerjarenplan ter zitting toe op basis van bijgevoegde samenvatting. Het punt wordt gezamenlijk en tegelijkertijd behandeld voor de raad voor maatschappelijk welzijn en de gemeenteraad.

          • Lid van het vast bureau Simon Lagrange en de leden van het vast bureau lichten het meerjarenplan uitgebreid toe aan de hand van de toegevoegde powerpoint.
             
          • Raadslid Marc Devlieger verwijst naar het voorliggend boek zijnde het meerjarenplan en begint bij de beleidsverklaring en de organisatiewaarden. 
            In de beleidsdoelstellingen komt de kwetsbare weggebruiker o.a. aan bod. Opportuniteiten dienen genomen te worden. Indien de kansen zich voordoen, wordt niet steeds altijd het nodige gedaan.  
            Het openbaar domein wordt duurzaam onderhouden.  De grachten maken hier ook deel van uit.  
            Een woonbehoeftestudie is aangewezen.  Dit is een uitstekend werkinstrument waaraan nood is.
            Er wordt geïnvesteerd in een klimaatrobuust rioleringsstelsel.  Wat is de visie en binnen welke termijn wordt dit beoogd?
            Raadslid Marc Devlieger heeft zich hierin verdiept, vertrekkend vanuit deelgemeente Machelen.   Er worden 2 documenten geprojecteerd (in bijlage). De paarse lijnen vormen de beken (Olsenebeek & Tichelbeek).  De rode lijnen zijn alle straten die niet van een riolering dienen voorzien te worden (hebben IBA,...).  Op de andere slide wordt iets anders in kaart gebracht nl. het overzicht van de riolering (via Geopunt).  Wat is nu reeds gerealiseerd, uitgedrukt in kleuren (oranje = onder beleid van CD&V, blauw = 2 laatste legislaturen & groen= nog uit te voeren).  
            Dit wordt uitgedrukt in km nl. 8,6 km in de eerste 2 legislaturen, 3,7 km in de volgende 2 legislaturen en uiteindelijk 6,3 km met inbegrip van de lopende legislatuur (dus 3 legislaturen).  Wat staat op de lijst voor de komende 6 jaar?  De eerste 12 jaar werd volgens het stappenplan 721 meter per jaar gerealiseerd, nu zitten we aan 335 meter per jaar.   De fractie CD&V/N-VA ijverde om bewoners niet op de kosten te jagen en stelde voor om de verplichting op te leggen als voorwaarde bij een omgevingsvergunning, bij wijziging van eigenaar,...  Gemiddeld verandert een woning om de 30 jaar van eigenaar.  Schepen Sophie Delaere merkte op dat we met die snelheid dan nog 50 jaar bezig waren.  Uit de berekening blijkt nu dat het tot 2067 zal het duren voor alle riolering zal uitgevoerd zijn op basis van het voorliggende plan.  Dus qua timing is het idee om dit op te leggen in het kader van een omgevingsvergunning, nog zo gek niet. 
            Het grachtenstelsel van Machelen Zuid werd afgelopen.  De toestand van de grachten werd bekeken.  De grachten zijn er slecht aan toe.  Er moet ontkoppeld en geïnfiltreerd worden maar de gemeente geeft niet het beste voorbeeld.  Raadslid Devlieger wenst dit te benadrukken.  Ter hoogte van de Tuttegemstraat is de situatie eigenaardig gezien de ligging van de beken. De vraag rijst hoe dit nu afwatert (naar Olsenebeek of Boonewaterloop?).  Dit is niet duidelijk. De Boonewaterloop komt uit op het land recht tegenover de Schachelaar.  Dit is in de feiten vaak overstroomd gebied (kaarten Geopunt).  De vraag rijst welk risico er ontstaat bij een ev. verkaveling.
            In het meerjarenplan (verder MJP)  wordt bijzondere aandacht gevraagd voor het rioleringsstelsel.  De gemeente kan zelf ook veel realiseren.  Dit is prioritair.  
          • Lid van het vast bureau Sophie Delaere nuanceert de info uit Geopunt.  Ze verwijst naar de zoneringsplannen van de VMM.  De rioleringsgraad is op vandaag 92,3% (aangesloten op riolering).  De zuiveringsgraad bedraagt 87,9% en de saneringsgraad 89,1%.   
            De gemeente zit goed op vlak van zuiverheid van beken, grachten,...  Het bestuur kan niet verweten worden dat de riolering niet werd/wordt aangepakt. 
          • Raadslid Marc Devlieger stelt dat het punt is dat mensen verplicht worden om hiervoor kosten te maken.  Hierover gaat het.  Rekening houdend met het lange tijdsbestek dat uit het stappenplan blijkt, is dit niet nodig. 
          • Lid van het vast bureau Sophie Delaere herhaalt haar betoog m.b.t. afkoppelingen en infiltratie op het eigen terrein en verwijst naar de verplichtingen die voortvloeien uit de VLAREM wetgeving.  Infiltratie hoeft niet duur te zijn.  Dit wordt vandaag bevestigd door de bevoegde minister.  De gemeente wordt aangestuurd via de reductiedoelstellingen. Op dat vlak scoren we goed. 
            Lid van het vast bureau Sophie Delaere stelt dat de provincie een inhaalbeweging gemaakt heeft op het vlak van het ruimen en onderhoud van hun grachten.  Ze zijn goed bezig.  Grachten die palen aan percelen van boeren, worden soms toe gereden.  De groei van de wilgen heeft een grote impact.  Dit wordt verder bekeken. 
            Lid van het vast bureau Sophie Delaere verwijst naar de Boonewaterloop.  Bij aanvraag van een verkaveling worden de pluviale kaarten geconsulteerd. Een probleem kan hier rijzen. Dit wordt nauwlettend bekeken, ook vanuit het standpunt van de provincie. 

          • Raadslid Marc Devlieger stelt dat anderhalf jaar gewerkt is aan een boek van 100 pagina's.   Het is moeilijk om dit op korte termijn grondig door te nemen. Dit is niet haalbaar. Het is niet correct dat dit niet sneller -bv. eind oktober- ter beschikking gesteld kon worden.  Het kon wel getoond worden aan de adviesraden.  Dit werd op de commissie op een drafje afgehandeld.  De toelichting was summier, gevolgd door de terbeschikkingstelling van de documenten en naderhand nog gevolgd door een deskundige uitleg op de daaropvolgende commissie.  Bepaalde bijlagen konden niet geopend worden.

          • Raadslid Ward Baeten stelt dat er positieve zaken in het MJP staan, bv. de aanpak van de Brugstraat, de renovatie van de Guldepoort,... Bij andere zaken worden grote vraagtekens gesteld, zoals de uitverkoop van het Sociaal Huis en haar patrimonium.  Dit is een verarming van de gemeente. Dit is jammer. 
            Raadslid Ward Baeten stelt dat de jeugd "slecht" uit het MJP komt.  Hierover wordt maar 1 punt in het MJP opgenomen nl. de éénmalige huur van een skatepark.  Anderzijds komt de voetbal rijkelijk aan bod, alsook de bedragen die hierin geïnvesteerd worden.  Er wordt Sinterklaas gespeeld voor de voetbalverenigingen.  Er is meer dan voetbaal alleen. 
          • Lid van het vast bureau Fauve Tacke merkt op dat het woord "jeugd" anders geïnterpreteerd wordt.  De jeugdlokalen zijn de afgelopen jaren vernieuwd geweest.  Recent werd site de Raveschoot in gebruik genomen.  De lokalen in Machelen staan er het langst maar zijn nog in goede staat.  Toch is budget ingeschreven om een visie te ontwikkelen.  Dit zal geen evidentie zijn gezien de eigendomsstructuur.  Daarnaast blijft de investeringssubsidie gelden (15.000 euro/jaar).  Een groot deel van het subsidieverhaal wordt opnieuw uitgewerkt.  Samenwerking met de jeugdhuizen komt hierbij aan bod. Ze benadrukt het belang om met de 18-jarigen in overleg te gaan.  Hen betrekken is geen evidente zaak, vandaar het belang van overleg.  Ook op de site Kloosterstraat worden budgetten voorzien waarbij blijvende aandacht is voor jong & oud.  De speelpleinwerking is en blijft een succes.
          • Lid van het vast bureau Olivier Peirs vult aan dat de voetaccommodaties daadwerkelijk versleten zijn.  Hij nodigt de raadsleden uit om langs te gaan en de situatie te bekijken. 
          • Raadslid Stephen Vandenbossche geeft een lange opsomming van realisaties waarbij de jeugd betrokken is (o.a. de Raveschoot, de nieuwe sporthal, de investering in voetbalaccommodaties en bib, muziekinstrumenten, spelmateriaal voor IBO, kinderopvang, nieuwe gemeenteschool,...).
          • Raadslid Ward Baeten merkt op dat er geen (concrete) visie is hoe de gemeente haar identiteit dient te behouden/te bewaren.  We zijn een landelijke gemeente en willen dit blijven. 
            Raadslid Ward Baeten is ook doorheen het verkiezingsprogramma gelopen, zoals de renovatie van de bejaardenwoningen.  Blijkbaar worden die nu allemaal verkocht.  De belofte van renovatie lijkt in de vuilbak te zitten.  
            Hij stelt zich vragen bij de manier waarop de adviesraden bij het MJP betrokken zijn.  Hij was zelf aanwezig op de bibliotheekraad. Er is kort door de bocht gegaan.  Veel beloftes zijn lege dozen zoals de uitbreiding en het energiezuinig maken van de bib waarbij slechts een budget van 400.000 euro voorzien is.  Dit lijkt een utopie.  De Gaston Martenszaal wordt vernieuwd. Ook hier is een zeer beperkt renovatiebudget voorzien.  Ook voor het plein zelf zal een nieuwe visie komen maar ook hiervoor zijn weinig fondsen voorzien.  Het idee wordt verengd.  Dit zijn gemiste kansen. 

          • Raadslid Catherine De Smet sluit zich aan bij raadslid Ward Baeten m.b.t. het Gaston Martensplein.  Het plein is in bijzonder slechte staat en is onveilig voor zwakke weggebruikers.
          • Lid van het vast bureau Olivier Peirs antwoordt dat het bestuur lang gezocht heeft naar een samenwerking met de aanpalende eigenaars (ev. met integratie van de bib).  Dit blijkt niet realiseerbaar tegen een aanvaardbare kostprijs.  De bib wil daarenboven graag uitbreiden op de bestaande locatie.   Ook de personeelsinzet dient gespreid te worden. Een kwaliteitsvol plan voor het plein is het streefdoel.  Anderzijds moet er tussentijds wel voldoende oog zijn voor de veiligheid van het plein.  
          • Raadslid Catherine De Smet verwijst naar de beperkte zomerophaling van restafval in juli en augustus.  Ze heeft begrip voor de besparing maar de Zultenaar zal hier niet blij mee zijn.  Aan de Leie worden de zitbanken aangepakt.  Er zijn evenwel geen vuilnisbakjes.  Dit is jammer. 
          • Lid van het vast bureau Steven Van Troys stelt terug te komen op de afvalophaling bij de behandeling van het resp. punt op de agenda. 

          • Raadslid Luc Roggeman volgt raadslid Marc Devlieger m.b.t. de beschikbare termijn om de informatie uit het MJP te verwerken. 
            Hij volgt de opmerkingen van raadslid Ward Baeten m.b.t. de investering in de voetbalaccommodaties en verwijst naar de hoge bedragen (667.000 euro voor een cafetaria voor Olsene Sportief, 1.350.000 euro voor kleedkamers & cafetaria voor KME Machelen).  
            Rond wegeniswerken zijn bedragen ingeschreven voor de N43 maar waarvoor precies?  
            Er wordt veel grond verkocht.  Hij stelt zich de vraag hoe dit (verhuis bejaardenwoningen) praktisch zal gerealiseerd worden.  Is hier een visie rond?  

          • Raadslid Lieven Lippens vraagt zich af waarom op de voorpagina reclame gemaakt wordt voor Dentergem. 
            Hij vraagt de aandacht voor de horeca.  Er wordt een subsidie voorzien.  Hoe zal dit in de praktijk gebeuren? Dit verdient een extra stimulans.  
          • Lid van het vast bureau Sophie Delaere verwijst naar het subsidiereglement van de horeca dat verder op de agenda behandeld wordt.

          • Raadslid Céleste Heyerick sluit zich aan bij de opmerkingen van de andere leden van de fractie.  Ze stelt het moeilijk te hebben met de verkoop van de bejaardenwoningen.  Dit is een historische blunder.  De mogelijkheid om eigen lokale accenten te leggen, verdwijnt volledig. 
            De renovatie van de Guldepoort wordt gespreid over 3 jaren.  Zal dit 3 jaar duren?  Hoe zal continuïteit bewaard worden? Wat is de bedoeling van de aankoop van de gronden in de omgeving van de Guldepoort?  Waar wordt het ontmoetingszaaltje in Machelen gelocaliseerd?
          • Lid van het vast bureau Michaël Vandemeulebroecke stelt dat de bedragen effectief over 3 jaren gespreid worden.  De studie- en architectenkosten situeren zich vnl. in 2026.  De werken zelf vinden grotendeels in 2027 plaats.  Dit is een totaalrenovatie, dus ook o.a. de herlocalisatie van de elektriciteitscabine.  Mogelijks zijn er ook facturen in 2028.  Het middengedeelte (waar verschillende niveaus) wordt weggenomen (ook waar bar,...).  Kleinschalige activiteiten zullen hierdoor bemoeilijkt worden.  Er is een overleg met de eigenaar van een zaal in de onmiddellijke omgeving.  
            De grote zaal vergt minder werken.  De termijn hiervoor zal beperkt zijn.  Grote manifestaties waarvoor het gebruik van het volledige complex, incl. keuken noodzakelijk is, zullen in die periode niet gemakkelijk zijn. Desgevallend dient uitgeweken te worden naar een andere locatie.

            Lid van het vast bureau Michaël Vandemeulebroecke vult aan dat de gronden in de omgeving van de Guldepoort aan de site en aan de voetbalaccommodatie palen.  Dit is een strategisch gelegen stuk grond.  Er is nog niet bepaald wat hiermee gebeurt.  De aankoop zelf wordt wel onderzocht. 
            Raadslid Céleste Heyerick merkt op dat dit een aparte redenering is.  Er wordt aangekocht maar het bestuur weet nog niet wat ermee gedaan wordt.  De visie ontbreekt.
          • Lid van het vast bureau Michaël Vandemeulebroecke vult aan dat de ontmoetingszaaltjes verouderd zijn.    Moet hier verder geïnvesteerd worden in een nieuwbouw?  In Machelen is dit ver van de kern gelegen (openbaar vervoer, winkels,...).  Het zou beter zijn om de zaaltjes te herlocaliseren op meer centraal gelegen locaties (bv. tussen Dorpsstraat & Veerstraat).  Er is daar reeds een project gerealiseerd door de woonmaatschappij.  Voor de sociale kavels is er evenwel weinig interesse.  De gemeente is hierover in overleg gegaan met de woonmaatschappij.  Door de gewijzigde financiering zal enkel de woonmaatschappij in de toekomst nog subsidies genieten. Er wordt hier ook een ontmoetingsruimte voorzien. 
          • Raadslid Céleste Heyerick verwijst naar het belang van goede communicatie voor wat de renovatie van de Guldepoort betreft.   De seniorenwoningen zitten zich effectief ver van de kern.  Gaat het over het zelfde aantal woningen?  Dit wordt volledig uit handen gegeven waardoor de gemeente volledig afhankelijk wordt van Dimensa.  
            Lid van het vast bureau Michaël Vandemeulebroecke antwoordt dat het bestuur minstens hetzelfde aantal woningen wenst te realiseren.  Voor de financiering hangt de gemeente af van de woonmaatschappij.  Enkel zij genieten nog subsidies.  Het zou geen goed financieel beleid zijn om dit zelf met eigen middelen volledig te bekostigen. 
          • Raadslid Céleste Heyerick vraagt waarom voor de verkeersveilige inrichting van de Oude Weg pas op het einde budget ingeschreven wordt.  Ze ondersteunt de initiatieven voor het bestrijden van kinderarmoede maar stelt vast dat het voorziene budget (1.000 euro) bijzonder laag is. 
            Lid van het vast bureau Michaël Vandemeulebroecke antwoordt dat er nog veel andere prioriteiten zijn, ook in de schoolomgeving.  Niet alles kan in dezelfde jaren gebudgetteerd worden.  In de Oude Weg zijn reeds een aantal ingrepen gebeurd (tonnagebeperking, wegversmalling, verkeersplateau,...).  Er wordt gekeken naar extra voetpaden of wegversmalling.  

          • Raadslid Marc Nachtergaele sluit zich aan bij de opmerkingen m.b.t. het Gaston Martensplein.  Er wordt laattijdig geld voorzien.  Er is reeds veel over voetbal gepraat.  De parking van Zulte-Waregem wordt niet aangepakt. In 2031 wordt een budget van 100.000 euro voorzien.  De parking is tijdelijk aangepakt begin december 2025.  Op korte termijn zullen nieuwe ingrepen nodig zijn.  Hij stelt de ontoegankelijkheid van de site voor gehandicapten in vraag.  Er is nog steeds geen lift voorzien. 
          • Lid van het vast bureau Olivier Peirs stelt dat de aanpak van de parking en de installatie van een lift terechte vragen zijn, mocht er geld zijn.  Dit is geen zwart-wit verhaal.  De financiële middelen zijn beperkt. 

          • Raadslid Yentl De Wever bedankt de administratie voor het geleverd werk.  Voor voetbalaccommodatie Jong Zulte (kunstgrasveld) stelt hij de vraag of de haalbaarheid van het verwerven van subsidies verder onderzocht wordt. 
            Lid van het vast bureau Olivier Peirs stelt dat het subsidieverhaal nog verder onderzocht wordt.  Het is niet zeker dat dit steeds de beste prijs biedt.
          • Raadslid Yentl De Wever merkt op dat de kosten voor de missing link voor de jaagpadverbinding met Wielsbeke opgelopen zijn.  Hoe kan/komt dit?  Gaat dit nog door?
          • Lid van het vast bureau Sophie Delaere antwoordt dat dit een complex verhaal is.  Het initiële ontwerp betrof deels private eigendom (niet van Zulte).  Het verwerven van deze eigendom is moeilijk.  De Waterweg heeft dan een ander plan voorgesteld waarbij de (dure) constructies deels op het water terechtkomen.  De kosten bedragen nu een veelvoud en dit geldt voor alle partners.  Er is gevraagd om de verdeelsleutel aan te passen (zodat opnieuw naar +/- 300.000 euro i.p.v. +/- 800.000 euro voor Zulte).  Een andere optie was grondruil.  Dit levert ook een probleem op.  Dit is op vandaag een optelsom van problemen.  Het financieel plaatje voor alle partijen is op vandaag niet haalbaar & dit naar aanleiding van de hertekening van het concept.  
          • Raadslid Yentl De Wever merkt op dat voor de aanleg van de Bauterstraat-Ponteputstraat de budgetten breed gespreid worden over de jaren.  Hoe komt dit?    Er staat een ander bedrag in de PP.
            Lid van het vast bureau Sophie Delaere stelt dat het budget van 100.000 euro(verschil in bedragen) Fluvius betreft. 
          • Raadslid Yentl De Wever stelt dat voor de ondersteuning bij rouw geen budget ingeschreven is.  Wat wordt hier concreet voor gedaan?
            Lid van het vast bureau Fauve Tack antwoordt dat de eerste samenwerking een VZW betrof die ondertussen opgedoekt en omgevormd is.  Dit was een gratis samenwerking.  Er wordt hier daadwerkelijk mee aan de slag gegaan.  Desgevallend zullen en court de route middelen voorzien worden. Dit is een nieuw actiepunt.  

          • Voorzitter van het vast bureau Simon Lagrange bedankt iedereen voor het debat. Voor wat de aanpak betreft, wijst hij erop dat iedereen tot eind november nog heel hard aan het werk was om alle laatste eindjes rond te krijgen.  Er is begrip voor de opmerkingen van de oppositie.  Het standpunt van de meerderheid is dat er pas een afgewerkt document voorgelegd wordt dat finaal, correct en betaalbaar is.  Er is nog nooit met concepten naar de oppositie gegaan.  Andere besturen werken op identieke wijze en soortgelijke  vragen worden gesteld door de resp. oppositie(s).  Het is het werk van de meerderheid.  Zij moeten de knopen doorhakken.  Er kan hier in de toekomst verder over nagedacht worden.  Het resultaat is een evenwichtig plan.
          • Raadslid Ward Baeten stelt gelukkig te zijn met de aandacht voor jeugdhuizen maar stelt anderzijds geen antwoord te hebben gekregen op een aantal vragen.  Daarenboven heeft hij nog een lijstje met een 20-tal vragen.  Hierop kan schriftelijk geantwoord worden.   
          • Raadslid Stephen Vandenbossche stelt namens de fractie dat het meerjarenplan het resultaat is van keuzes en vat de zaken nogmaals samen.  
          Publieke stemming
          Aanwezig: Tony Boeckaert, Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, Sylvie Bohez
          Voorstanders: Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Katrien De Waele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Tony Boeckaert
          Onthouders: Ward Baeten, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Aline Van den Weghe
          Resultaat: Met 15 stemmen voor, 8 onthoudingen
          Beslissing

          Artikel 1: De raad voor maatschappelijk welzijn stelt het meerjarenplan 2026-2031 - deel OCMW vast. Het meerjarenplan en de verplichte bijlagen worden als bijlage toegevoegd en geviseerd.

          Artikel 2:
          Overeenkomstig artikel 286 §1  3° van het decreet lokaal bestuur maakt de burgemeester het besluit en de inhoud van het beleidsrapport bekend via de webtoepassing van de gemeente binnen de 10 dagen nadat ze genomen zijn.
          Op dezelfde dag brengt de gemeente overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur de toezichthoudende overheid op de hoogte.

      • Patrimonium

        • GOEDKEUREN AANGEPAST REGLEMENT BEJAARDENWONING - HUURPRIJS

          Aanwezig: Tony Boeckaert, voorzitter
          Simon Lagrange, voorzitter van het vast bureau
          Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, leden van het vast bureau
          Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Sylvie Bohez, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Berkan Nalli, lid van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Bevoegdheid
          • Artikel 78 van het decreet lokaal bestuur op grond waarvan de raad voor maatschappelijk welzijn bevoegd is voor het vaststellen van reglementen.
          Wetten en reglementen
          • De organieke wet betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn van 8 juli 1976, zoals aangepast tot op heden.
          • Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
          • Het besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn d.d. 25 februari 2025 houdende goedkeuren van het aangepast reglement bejaardenwoning. 
          Feiten
          • Het Sociaal Huis verhuurt bejaardenwoningen volgens een reglement dat werd opgemaakt in 2018 en werd herzien met ingang van maart 2025.
          • In het huidig reglement is onder het luik van de huurprijs het volgende opgenomen:  
            De huurprijs anno 2025 voor een bejaardenwoning bedraagt 205,47 euro/maand en voor een garage is dit 44,38 euro/maand. 
            Het bedrag wordt geïndexeerd conform de huurwetgeving (berekening via website www.myindex.be). Voor beide verhuringen (bejaardenwoning én garage) wordt een apart huurcontract opgemaakt, met inbegrip van waarborgen.
          • De keuze voor de huurprijs van 205,47 euro per maand is historisch gegroeid maar is heel laag. De huurprijs wordt verhoogd maar de vooropgestelde doelgroep wordt in gedachten houden waardoor betaalbaar wonen mogelijk blijft. 

          • Aangezien de verhuring van de bejaardenwoningen private verhuring is en geen sociale verhuring, moet de wetgeving van het Vlaams Woninghuurdecreet gevolgd worden. 
            Hierdoor kunnen geen wijzigingen gebeuren naar zittende huurders toe.
          • Voor nieuwe huurders wordt voorgesteld om te werken met inkomensschalen bij de start van de verhuring. 
            Daarna volgt een jaarlijkse indexatie volgens de regels van het Vlaams Woninghuurdecreet. 
            Momenteel (2025) betaalt een nieuwe huurder voor een bejaardenwoning 205,47 euro huur per maand en voor een garage 44,38 euro/maand.
            Naar analogie met de vergoeding van de noodwoningen werd een voorstel uitgewerkt. 
            De vermelding 'De huurprijs anno 2025 voor een bejaardenwoning bedraagt 205,47 euro/maand en voor een garage is dit 44,38 euro/maand. Het bedrag wordt geïndexeerd conform de huurwetgeving (berekening via website www.myindex.be)', zou in het reglement vervangen worden door: 
            •  De huurprijs bij opstart wordt zodoende als volgt bepaald, waarbij het netto-inkomen gebaseerd is op de grenzen van leefloongerechtigden (cfr. Wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie). 
              De nieuwe barema's met ingang van 1 februari 2025 zijn (leefloon alleenstaande= 1.314,20 euro):


              Huurprijs woning

            • 0 euro   < 1.314,20 euro/maand (leefloon): 255,47 euro
            • 1.314,20 euro - < 1.714,20 euro/maand: 355,47 euro
            • 1.714,20 euro - < 2.114,20 euro/maand: 455,47 euro
            • 2.114,20 euro - < 2.514,20 euro/maand: 555,47 euro            
            • ≥ 2.514,20 euro/maand: 655,47 euro


              Huurprijs garage

            • 0 euro   < 1.314,20 euro/maand (leefloon): 44,38 euro
            • 1.314,20 euro - < 1.714,20 euro/maand: 54,38 euro
            • 1.714,20 euro - < 2.114,20 euro/maand: 64,38 euro
            • 2.114,20 euro - < 2.514,20 euro/maand: 74,38 euro   
            • ≥ 2.514,20 euro/maand: 84,38 euro

            • Bij de opstart van een overeenkomst zullen de inkomensgrenzen aangepast worden aan de leefloonbarema’s die op dat ogenblik geldig zijn. 
              De huurprijs zal op dat ogenblik ook dezelfde procentuele stijging volgen, ten aanzien van de eventuele stijging van het leefloonbarema. 
              De wijziging zal enkel toegepast worden bij nieuwe overeenkomsten en kan niet aangepast worden bij een lopende overeenkomst.
              De jaarlijkse indexering zal verder verlopen volgens de regels van het Vlaams Woninghuurdecreet.

          • In bijlage werd zowel de huidige reglementering alsook het voorstel tot nieuwe reglementering toegevoegd.
          Motivatie
          • De huidige huurprijs van de bejaardenwoning en daarbij horende garages zijn niet meer marktconform. 
          • De huurprijs wordt verhoogd maar met de doelgroep en betaalbaarheid voor ogen. 
          Bespreking
          • Voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst Steven Van Troys licht het agendapunt ter zitting toe. 
          • Raadslid Ward Baeten stelt dat vnl. alleenstaanden getroffen worden.  Hoe rijmt dit met de visie van het bestuur?
          • Lid van het vast bureau Steven Van Troys antwoordt dat nog minder betaald wordt dan in geval van sociale verhuur. 
          • Raadslid Marc Devlieger verwijst naar het trappensysteem.  Als iemand opeens 1.300 euro heeft (bv. n.a.v. indexatie), wordt de huur onmiddellijk 100 euro duurder.  
          • Voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst Steven Van Troys stelt dat de vorken ook geïndexeerd worden. 
          Publieke stemming
          Aanwezig: Tony Boeckaert, Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, Sylvie Bohez
          Voorstanders: Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Katrien De Waele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Tony Boeckaert
          Onthouders: Ward Baeten, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Aline Van den Weghe
          Resultaat: Met 15 stemmen voor, 9 onthoudingen
          Beslissing

          Artikel 1: De raad voor maatschappelijk welzijn keurt het aangepast reglement bejaardenwoning goed met ingang van 1 januari 2026:

           


          1.   Doelstelling

          Het Sociaal Huis Zulte biedt aangepaste huisvesting voor senioren aan om zelfstandig te wonen. Indien gewenst kan er beroep gedaan worden op de dienstverlening vanuit het Sociaal Huis om hen daarin bij te staan. Centraal staat het individueel en kwaliteitsvol wonen.


          2.   Locatie

          De reglementering is van toepassing op de 55 bejaardenwoningen gelegen in de 3 deelgemeenten van Zulte, met name

          -      25 bejaardenwoningen in het Moerbeekpark te Zulte

          -      15 bejaardenwoningen in de St. Pieterstraat te Olsene

          -      15 bejaardenwoningen in het Guldepark te Machelen


          3.   Accommodatie

          Elke bejaardenwoning bestaat uit:

          -      Inkomhal

          -      Bergruimte

          -      Ingerichte keuken (keukenkasten bovenaan en onderaan, gootsteen, kookplaat en dampkap)

          -      Leefruimte/woonkamer

          -      Eén slaapkamer

          -      Badkamer (douche, toilet en lavabo)

          -      Terras met kleine tuin

          -      Voortuintje

          De woningen zijn gelijkvloers en kunnen naar eigen smaak ingericht worden, zonder structurele wijzigingen aan te brengen. De huurders dienen de woning als een goede huisvader te beheren en dit in overeenstemming met het huurcontract dat bij aanvang van de huur moet getekend worden. 


          4.   Doelgroep

          De bejaardenwoningen richten zich tot ouderen vanaf 65 jaar die inwoner zijn van Zulte en een onaangepaste woning (al dan niet in eigendom) betrekken. De kandidaat-huurders kunnen zowel alleenstaanden als echtparen zijn (waarvan minimum één persoon voldoet aan de leeftijd van 65 jaar).  Wanneer er bijzondere omstandigheden van sociale aard zijn die te motiveren zijn op basis van een sociaal verslag, kan er uitzonderlijk afgeweken worden van de leeftijdsvoorwaarde van 65 jaar en van de rangschikking op de wachtlijst.

          De onaangepastheid van de woning kan zich uiten op verschillende vlakken:

          -      Ongeschiktheid van de woning (verouderde woning, grote tuin,…)

          -      Medische problematiek (betrokkene kan geen trappen meer doen,…)

          -      Financieel (een te hoge huurprijs in verhouding tot de beschikbare inkomsten)

          Meestal zal een combinatie van inschrijvingsdatum en bovenstaande factoren doorslaggevend zijn bij een toewijs.


          5.   Huurprijs 

          De huurprijs bij opstart wordt zodoende als volgt bepaald, waarbij het netto-inkomen gebaseerd is op de grenzen van leefloongerechtigden (cfr. Wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie). De nieuwe barema's met ingang van 1 februari 2025 zijn (leefloon alleenstaande= 1.314,20 euro):

          Huurprijs woning

          • 0 euro   < 1.314,20 euro/maand (leefloon): 255,47 euro
          • 1.314,20 euro - < 1.714,20 euro/maand: 355,47 euro
          • 1.714,20 euro - < 2.114,20 euro/maand: 455,47 euro
          • 2.114,20 euro - < 2.514,20 euro/maand: 555,47 euro           
          • ≥ 2.514,20 euro/maand: 655,47 euro

          Huurprijs garage

          • 0 euro   < 1.314,20 euro/maand (leefloon): 44,38 euro
          • 1.314,20 euro - < 1.714,20 euro/maand: 54,38 euro
          • 1.714,20 euro - < 2.114,20 euro/maand: 64,38 euro
          • 2.114,20 euro - < 2.514,20 euro/maand: 74,38 euro   
          • ≥ 2.514,20 euro/maand: 84,38 euro

          Bij de opstart van een overeenkomst zullen de inkomensgrenzen aangepast worden aan de leefloonbarema’s die op dat ogenblik geldig zijn. De huurprijs zal op dat ogenblik ook dezelfde procentuele stijging volgen, ten aanzien van de eventuele stijging van het leefloonbarema. De wijziging zal enkel toegepast worden bij nieuwe overeenkomsten en kan niet aangepast worden bij een lopende overeenkomst. De jaarlijkse indexering zal verder verlopen volgens de regels van het Vlaams Woninghuurdecreet.

          Voor beide verhuringen (bejaardenwoning én garage) wordt een apart huurcontract opgemaakt, met inbegrip van waarborgen.

           

          6.   Wachtlijst

          Wanneer iemand aan de voorwaarden voldoet, kan deze zich laten inschrijven op de wachtlijst bij de verantwoordelijke voor de huisvesting. Er kan een keuze gemaakt worden om zich in te schrijven voor een bejaardenwoning in één of meerdere deelgemeenten.

          Er is één wachtlijst die chronologisch volgens inschrijvingsdatum, bestaat uit dringende en niet-dringende aanvragen.

          Een dringende aanvraag wordt beschouwd als een dossier waarbij de bejaarde onmiddellijk wenst te verhuizen mocht er een woning vrijkomen. Een niet-dringende aanvraag gebeurt door bejaarden die slechts op langere termijn wensen te verhuizen. Deze zullen pas gecontacteerd worden door de verantwoordelijke wanneer zij zelf te kennen geven dat hun aanvraag mag omgezet worden naar een dringende aanvraag. Op regelmatige basis is er een actualisatie van de wachtlijst waarbij de kandidaat-huurders hun hoogdringendheid kunnen kenbaar maken. Tussentijds kunnen ze dit ook steeds laten wijzigen.

           

          7.   Procedure toewijs bejaardenwoning

          Bij het vrijkomen van een bejaardenwoning, zal de huisvestingsverantwoordelijke contact opnemen met de eerste twee dringende aanvragen die op dat ogenblik op de wachtlijst staan voor de desbetreffende gemeente.

          De verantwoordelijke gaat op huisbezoek bij de kandidaat-huurder en maakt een sociaal verslag op, waaruit de onaangepastheid van de huidige woning (of in uitzondering de bijzondere omstandigheden van sociale aard) blijkt.

          Verschillende factoren worden objectief afgewogen en in een algemeen besluit geformuleerd. Het dossier wordt op het bevoegd orgaan gebracht waar men de beslissing neemt aan wie de bejaardenwoning toegekend wordt. Het is dus mogelijk dat de toekenning naar een bejaarde gaat die recenter staat ingeschreven, als blijkt dat de onaangepastheid groter is bij de laatst ingeschrevene van de twee kandidaten.

          Bij weigering van de kandidaat-huurder op het aanbod tot het huren van een bejaardenwoning blijft betrokkene zijn plaats op de wachtlijst behouden, maar zal zijn dossier wel omgeschakeld worden naar niet-dringend of zal de voorkeur van de gemeente aangepast worden.

           

          8.   Procedure toewijs garages

          De bewoners van de bejaardenwoningen kunnen zich kandidaat stellen om één garage te huren, met name

          -      5 garages in het Moerbeekpark

          -      4 garages in de St. Pieterstraat

          -      5 garages in het Guldepark

          Men kan zich op de wachtlijst laten plaatsen van zodra men effectief huurder wordt van de bejaardenwoning, dus nog niet wanneer men slechts kandidaat-huurder is. De wachtlijst van de garages wordt chronologisch opgemaakt volgens aanvraagdatum. Wanneer er een garage vrijkomt, wordt de lijst chronologisch afgelopen. Wanneer blijkt dat betrokkene niet beschikt over een wagen, dan wordt er overgegaan naar de eerstvolgende huurder die wel over een wagen beschikt. Pas als geen enkele kandidaat een wagen heeft, kan een toekenning gebeuren aan een bewoner zonder een wagen.

          Wanneer een huurder van een garage door omstandigheden geen wagen meer zou hebben, wil dit niet zeggen dat de garage moet vrijgegeven worden. De bewoner beslist zelf wanneer hij de garage zal vrijgeven en dit uiterlijk bij het verlaten van de huurwoning.   

           


           

          Artikel 2: Het besluit en reglement goedgekeurd in de raad voor maatschappelijk welzijn d.d. 25 februari 2025 houdende goedkeuren reglement bejaardenwoning wordt opgeheven met ingang van 1 januari 2026.

          Artikel 3: Een afschrift van dit besluit wordt bezorgd aan de dienst Financiële en Sociale Hulp en aan de dienst Financiën.


          Artikel 4: De voorzitter van het vast bureau maakt het reglement (en de inhoud ervan) via de webtoepassing van de gemeente bekend overeenkomstig artikel 285 §2 en artikel 286 §2.

          In uitvoering van artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn op dezelfde dag als de bekendmaking van de besluiten op de webtoepassing van de gemeente, de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking ervan.

      • Sociale zaken, welzijn en gezondheid

        • VERLENGEN REGLEMENT GEMEENTELIJKE TUSSENKOMST PSYCHOSOCIALE HULP TOT EIND 2031

          Aanwezig: Tony Boeckaert, voorzitter
          Simon Lagrange, voorzitter van het vast bureau
          Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, leden van het vast bureau
          Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Sylvie Bohez, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Berkan Nalli, lid van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Bevoegdheid
          • Artikel 78 van het decreet Lokaal Bestuur.
          Wetten en reglementen
          • De Organieke Wet van 8 juli 1976 betreffende de OCMW’s.
          • Het decreet lokaal bestuur.
          • Het besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 26 januari 2021 waarbij de tussenkomst voor psychosociale hulp voor inwoners van Zulte werd goedgekeurd.
          • Het besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 21 december 2021 waarbij de tussenkomst voor psychosociale hulp werd verlengd en uitgebreid.
          Feiten
          • Tijdens de raad voor maatschappelijk welzijn van 26 januari 2021 werd de tussenkomst voor psychosociale hulp voor alle inwoners van Zulte goedgekeurd. Dit reglement werd verlengd en uitgebreid tijdens de raad voor maatschappelijk welzijn van 21 december 2021. 
          • Deze maatregel loopt tot eind december 2025.
          • Er wordt per kwartaal een lijst ter goedkeuring voorgelegd aan het bijzonder comité voor de sociale dienst.
          • Op datum van 1 december 2025 stond het aantal aanvragen voor 2025 op 111 personen en dit voor een totaal van 687 sessies en voor een totaalbedrag van 15.998,76 euro.
          • Een overzicht van het aantal aanvragen en tussenkomsten:
          • Jaartal Aantal aanvragen Aantal sessies Totaalbedrag tussenkomsten
            2021 90 505 12.265,74
            2022 95 580 13.997,93
            2023 68 379 9.204,84
            2024 73 501 11.312,37
            2025 111 687 15.998,76
          • De dienst Financiële en Sociale Hulp (FSH) stelt vast dat de tussenkomst steeds beter gekend is bij de inwoners. Het aantal aanvragen voor 2025 ligt duidelijk hoger dan de voorbije jaren. 
          • De dienst Financiële en Sociale Hulp (FSH) stelt voor de tussenkomst voor psychosociale hulp te verlengen tot eind 2031 en beide doelgroepen te behouden: alle inwoners van Zulte en elke medewerker van het lokaal bestuur Zulte. 
          • Men kan voor het jaar 2025 nog een aanvraag indienen tot en met eind februari 2026. Eenzelfde principe wordt gehanteerd tot en met 2031.
          • Aanvragen die slaan op facturen van het vorige jaar (X-1) en die na 1 maart X worden bezorgd, komen niet meer in aanmerking voor een tussenkomst. Er geldt met andere woorden een afsluitingsdatum.
          Adviezen
          • De dienst Financiële en Sociale Hulp (FSH) stelt voor de tussenkomst voor psychosociale hulp te verlengen tot eind 2031 en beide doelgroepen te behouden: alle inwoners van Zulte en elke medewerker van het lokaal bestuur Zulte. 
          Motivatie
          • Psychische problemen komen voor in alle lagen van de bevolking.
          • De hoge financiële drempel kan ervoor zorgen dat deze noodzakelijke hulp niet wordt opgezocht.
          • Door deze tussenkomst wenst het bestuur de toegang tot psychosociale hulpverlening laagdrempelig te maken en hierdoor mee te werken aan het doorbreken van het taboe rond psychische problemen. Hoe meer dit thema bespreekbaar wordt, hoe sneller mensen de stap kunnen zetten om hulp te zoeken bij dergelijke problemen.
          • Er werd door de hogere overheid ingezet op eerstelijnspsychologen, zodat men voor 11 euro per sessie beroep zou kunnen doen op een psycholoog. Er wordt echter vastgesteld dat de wachtlijsten voor dergelijke sessies bijzonder hoog zijn. Dit systeem is dus niet toegankelijk. 
          Financiële impact
          • De kredieten zijn voorzien in het meerjarenplan.
          Bespreking
          • Lid van het vast bureau Steven Van Troys licht het agendapunt ter zitting toe.
          Publieke stemming
          Aanwezig: Tony Boeckaert, Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, Sylvie Bohez
          Voorstanders: Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, Tony Boeckaert
          Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
          Beslissing

          Artikel 1: De raad voor maatschappelijk welzijn keurt volgend reglement goed:

           


          Artikel 1: Bevoegdheid

          Het toekennen van individuele steun, zoals een tussenkomst in het kader van psychosociale hulp, is een bevoegdheid van het bijzonder comité voor de sociale dienst (art. 113 decreet lokaal bestuur).

           

          Artikel 2: Doelstelling

          Deze financiële tussenkomst heeft als doel om personen die psychische problemen ervaren te erkennen en een duwtje in de rug te geven. Concreet wenst het Sociaal Huis aan volgende prioriteiten te werken:

          A.   De financiële drempel van psychologische hulp verlagen

          Een financiële tussenkomst zorgt ervoor dat de financiële drempel verlaagd wordt, zodat de psychologische hulp, die vaak noodzakelijk is voor het welzijn van de persoon en zijn omgeving, toegankelijker wordt. Voor veel personen is een sessie bij de psycholoog een grote hap uit het budget. Mutualiteiten hebben bepaalde terugbetalingstarieven, maar deze zijn afhankelijk van mutualiteit tot mutualiteit. De eerstelijnspsycholoog, waarbij men voor 11 euro per sessie terecht kan, is niet voor iedereen toegankelijk, gezien de lange wachtlijsten.

          B.   Het taboe rond psychosociale problemen en psychologische hulp doorbreken

          Een financiële tussenkomst zorgt ervoor dat de financiële drempel verlaagd wordt, zodat de psychologische hulp, die vaak noodzakelijk is voor het welzijn van de persoon en zijn omgeving, toegankelijker wordt. Voor veel personen is een sessie bij de psycholoog een grote hap uit het budget. Mutualiteiten hebben bepaalde terugbetalingstarieven, maar deze zijn afhankelijk van mutualiteit tot mutualiteit. De eerstelijnspsycholoog, waarbij men voor 11 euro per sessie terecht kan, is niet voor iedereen toegankelijk, gezien de lange wachtlijsten.

           

          Artikel 3: Doelgroep

          • Elke inwoner van Zulte die van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031, op voorschrift van een arts, beroep doet op hulp van een erkend psycholoog of erkende psychotherapeut.
          • Elke medewerker van het lokaal bestuur Zulte (niet woonachtig in Zulte) die van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031, op voorschrift van een arts, beroep doet op hulp van een erkend psycholoog of erkende psychotherapeut.

           

          Artikel 4: Steun

          • De tussenkomst bedraagt maximum 25 euro per consult per persoon, met een maximum van 8 tussenkomsten gedurende het kalenderjaar.
          • Indien de mutualiteit tussenkomt, moet de terugbetaling eerst verrekend worden. Enkel het remgeld kan vergoed worden.
          • De vergoeding kan aangevraagd worden via een aanvraagformulier, beschikbaar op de website van het lokaal bestuur (www.zulte.be), of te verkrijgen aan de balie van het onthaal Sociaal Huis.

           

          Artikel 5: Delegatie aan het bijzonder comité voor de sociale dienst

          Op het bijzonder comité voor de sociale dienst worden deze aanvragen goedgekeurd aan de hand van een lijst. Deze lijst wordt per kwartaal voorgelegd en goedgekeurd.

           

          Artikel 6: Afsluitingsdatum

          Aanvragen die slaan op facturen van het vorige jaar (X-1) en die na 1 maart X worden bezorgd, komen niet meer in aanmerking voor een tussenkomst. Er geldt met andere woorden een afsluitingsdatum.

           

          Artikel 7: Inwerkingtreding

          Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en loopt tot en met 31 december 2031.


           

          Artikel 2: Een afschrift van dit besluit wordt bezorgd aan de dienst Financiële en Sociale Hulp en aan de dienst Financiën.

           

          Artikel 3: De voorzitter van het vast bureau maakt het reglement (en de inhoud ervan) via de webtoepassing van de gemeente bekend overeenkomstig artikel 285 §2 en artikel 286 §2.
          In uitvoering van artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn op dezelfde dag als de bekendmaking van de besluiten op de webtoepassing van de gemeente, de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking ervan.

        • VERLENGEN REGLEMENT STEUNPAKKET MENSTRUATIEPRODUCTEN TOT EIND 2031

          Aanwezig: Tony Boeckaert, voorzitter
          Simon Lagrange, voorzitter van het vast bureau
          Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, leden van het vast bureau
          Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Sylvie Bohez, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Berkan Nalli, lid van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Afwezig: Sophie Delaere, lid van het vast bureau
          Bevoegdheid
          • Artikel 78 van het decreet lokaal bestuur op grond waarvan de raad voor maatschappelijk welzijn bevoegd is voor het vaststellen van reglementen.
          Wetten en reglementen
          • De wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
          • De organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
          • Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
          • Het besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn d.d. 28 januari 2025 houdende goedkeuren reglement tussenkomst steunpakket menstruatieproducten.
          Feiten
          • Sinds 1 februari 2025 loopt het steunpakket menstruatieproducten. 
          • De steun die wordt voorzien via het steunpakket menstruatieproducten is een materiële steun, bestaande uit maandverbanden of tampons en inlegkruisjes, of een menstruatiecup. Dit reglement loopt nog tot eind 2025.
          • Tot op heden deden 9 cliënten beroep op deze steun. Deze cliënten kwamen meermaals om een pakket.
          • De steun werd in 2025 nog niet optimaal benut door de cliënten van het Sociaal Huis. De dossierbeheerders van de dienst Financiële en Sociale Hulp (FSH) geven hiervoor verschillende redenen aan:
            • Het is nog steeds een taboeonderwerp waar niet graag over gesproken wordt. 
            • Het steunpakket menstruatieproducten wordt in de veelheid van mogelijkheden soms vergeten door de dossierbeheerders. De prioriteit ligt vaak op meer prangende problemen: huisvesting, inkomen, schuldenlast, ...
            • De aanvraag via het bijzonder comité voor de sociale dienst (BCSD) zorgt voor een extra drempel.
            • Het is vaak een taboeonderwerp bij gezinnen met een andere origine. Bij deze cliënten is de man vaak de persoon die op gesprek komt en als aanspreekpunt voor het gezin fungeert. Dan is het niet evident om dit onderwerp aan te kaarten.
            • Sommige cliënten nemen menstruatieproducten mee tijdens de voedselbedeling en hebben niet meteen nood aan extra pakketten.
          • De dienst FSH stelt voor om het reglement steunpakket menstruatieproducten te verlengen en in te zetten op de bekendmaking hiervan.
          • Om meer mensen naar de steun toe te leiden wordt er aan volgende acties gedacht: 
            • Vorming/infosessie dossierbeheerders:
              • Het doel is om dossierbeheerders vertrouwder te laten praten over het onderwerp (en eventuele andere taboeonderwerpen). 
              • Dit kan eventueel met het huidige vormingsbudget van de dienst Financiële en Sociale Hulp. 
            • Flyers verdelen via dokters, apothekers,... 
              • Momenteel is er een flyer in verband met de steun menstruatieproducten. Deze flyer ligt tot op heden uitsluitend in het Sociaal Huis bij de dossierbeheerders en in de wachtruimte. 
              • Door de flyers ook beschikbaar te stellen bij dokters en apothekers kunnen we meer personen bereiken. Een cliënt zal deze zaken vermoedelijk ook makkelijker bespreken met een medisch professional. 
              • Artsen hebben vaak een vermoeden van de financiële situatie van een patiënt en kunnen het onderwerp aanhalen indien er bezorgdheid heerst.  
            • Blijvend inzetten op digitale communicatie: nieuwsbrief, individuele communicatie naar de cliënt (Whatsapp, e-mail, in gesprekken,...), televisiescherm,...
            • Kennisname door het BCSD aan de hand van een lijst. De namen en het aantal meegegeven pakketten worden geregistreerd op deze lijst en de stock wordt maandelijks gecontroleerd. 
            • Scholen informeren over een doorverwijzing naar het Sociaal Huis: 
              • Wanneer leerlingen systematisch producten komen ontlenen, kan de school hierover in gesprek gaan met de ouder(s). Men kan vervolgens de ouders doorverwijzen naar het Sociaal Huis voor een eventuele tussenkomst via een steunpakket menstruatieproducten. 
            • Organiseren van een actiemaand rond menstruatiearmoede, met daarin de volgende acties: 
              • Tijdens elke consultatie wordt de mogelijkheid van een steunpakket menstruatieproducten besproken en wordt er één product meegegeven, zonder dat dit op het BCSD moet worden geagendeerd. Op die manier wordt dit tastbaar voor de cliënten. 
              • Als er uitgegaan wordt van gemiddeld 175 cliënten die het Sociaal Huis bezoeken per maand, dan zou dit op een kostprijs van ongeveer 218,75 euro komen om iedereen (uiteraard alleen vrouwelijke cliënten of mannelijke cliënten met een partner en/of gezin) een pak maandverbanden mee te geven. 
              • Uitdelen van de beschikbare kortingsbonnen voor de aankoop van menstruatieslips.
              • Uitstallen van een infostand in de wachtruimte met daarop brochures voor de cliënt en voorbeelden van de producten. 
            • Organisatie van een infosessie in 2028 voor het brede publiek.
          Adviezen
          • De dienst Financiële en Sociale Hulp adviseert de verlenging van het project menstruatiearmoede en reglement pakket menstruatieproducten.
          Motivatie
          • Menstruatiearmoede is onzichtbaar, maar hardnekkig.
            • 1 op 8 meisjes in Vlaanderen heeft geen geld om menstruatieproducten te kopen. Hierdoor kiezen ze voor goedkopere, gevaarlijke alternatieven (keukenrol, wc-papier, watten, ...). Door het gebrek aan menstruatieproducten hebben minstens 15% van de meisjes die in armoede leven al eens een dag school gemist (onderzoek van Caritas Vlaanderen).
            • Naast schaamte omwille van gebrek aan geld, is er ook schaamte voor ongecontroleerd bloedverlies. Menstruatiearmoede omvat dus een dubbel taboe.
          • Het lokaal bestuur keurde op de raad voor maatschappelijk welzijn van 28 januari 2025 het project menstruatiearmoede goed, waarbij er op verschillende manieren werd ingezet op menstruatiewelzijn.
          • Er dient nog verder ingezet te worden op de bekendmaking van het project en de mogelijkheid tot het bekomen van een steunpakket menstruatieproducten. Daarom stelt de dienst Financiële en Sociale Hulp voor om het reglement te verlengen. 
          Financiële impact
          • De totale kostprijs van voorgestelde acties wordt maximaal jaarlijks geraamd op 2.993,53 euro voor de aankoop van menstruatieproducten voor de verdeling aan personen met financiële problemen en de scholen. 
          • Er werd een gunstig financieel advies verleend door de financieel directeur met nummer FA2025/008.
          Bespreking
          • Voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst Steven Van Troys licht het agendapunt ter zitting toe. 
          Publieke stemming
          Aanwezig: Tony Boeckaert, Simon Lagrange, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, Sylvie Bohez
          Voorstanders: Simon Lagrange, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, Tony Boeckaert
          Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
          Beslissing

          Artikel 1: De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de verlenging van het project menstruatiearmoede en het reglement steunpakket menstruatieproducten goed.
          Het reglement wordt verlengd vanaf 1 januari 2026.


          Artikel 1: Bevoegdheid

          Toekennen van individuele steun op het vlak van maatschappelijke dienstverlening, waaronder materiële hulpverlening in de vorm van een steunpakket menstruatieproducten, is een bevoegdheid van het bijzonder comité voor de sociale dienst (art. 113 decreet lokaal bestuur).

           

          Artikel 2: Doelstelling

          Het steunpakket menstruatieproducten heeft als doel alle vrouwen in een gezin in financiële moeilijkheden te voorzien van een kwaliteitsvol steunpakket met menstruatieproducten, dit ter bestrijding van menstruatiearmoede.

           

          Artikel 3: Doelgroep

          Om aanspraak te kunnen maken op de materiële steun via het steunpakket menstruatieproducten, moet de aanvrager voldoen aan de volgende voorwaarden:

          • De aanvrager en gezinsleden zijn woonachtig in Zulte. Uitzondering: daklozen en studenten die een leefloon ontvangen van het OCMW van Zulte, maar niet woonachtig zijn in Zulte;
          • De aanvrager kan een aanvraag indienen voor vrouwelijke gezinsleden die menstrueren. Hiervoor wordt de voorwaarde gehanteerd dat de vrouwelijke gezinsleden tussen 10 en 55 jaar oud zijn;
          • De aanvrager verleent zijn/haar volledige medewerking aan het sociaal en financieel onderzoek dat gevoerd wordt door een maatschappelijk werker van de dienst Financiële & Sociale Hulp (verder FSH);
          • De aanvrager heeft financiële moeilijkheden en er bestaat een risico op menstruatiearmoede [1];
          • Als uit het sociaal en financieel onderzoek blijkt dat de aanvrager geen gezond uitgavenpatroon heeft, dan is de aanvrager bereid om hiervoor begeleiding te krijgen door de dienst FSH.
           

          Artikel 4: Steun

          De steun die wordt voorzien via het steunpakket menstruatieproducten is een materiële steun, bestaande uit maandverbanden of tampons en inlegkruisjes, of menstruatiecups [2].

           

          Artikel 5: Procedure

          1. De aanvrager neemt contact op met het Sociaal Huis van Zulte en maakt een afspraak voor een intakegesprek bij de dienst FSH. Nadien wordt een dossierbeheerder aangesteld om de vraag voor een steunpakket en eventuele andere vragen verder te behandelen. Cliënten die reeds gekend zijn in de dienst FSH kunnen rechtstreeks een afspraak maken met hun dossierbeheerder om de steun aan te vragen.
          2. De dossierbeheerder voert een sociaal en financieel onderzoek op basis van volgende elementen:

           

          • De identiteitsdcumenten van de aanvrager; 
          • Een budgetplan op basis van het (gezins-)inkomen en de uitgaven; 
          • Een KSZ-onderzoek. 
          3.  Een eerste pakket wordt meegegeven aan de cliënt. De aanvraag voor de steun wordt door de dossierbeheerder ter kennisgeving voorgelegd op het eerstvolgend bijzonder comité voor de sociale dienst.

          4. De naam van de cliënt wordt genoteerd op de lijst steunpakketten, waarin kan aangeduid worden hoeveel steunpakketten er werden meegegeven met de persoon.

           

          Artikel 6: Evaluatie

          De cliënt heeft, na de toekenning, recht op een maandelijks steunpakket met menstruatieproducten voor alle vrouwelijke gezinsleden tussen 10 en 55 jaar. Bij wijzigingen in de financiële situatie van de cliënt, wordt de toekenning geëvalueerd.

           

          Artikel 7: Stopzetting

          Het recht op steun via de pakketten menstruatieproducten wordt stopgezet wanneer:

          • De cliënt zelf aangeeft geen beroep meer te willen doen op de steun;
          • De cliënt niet meer voldoet aan de voorwaarden;
          • Er wordt vastgesteld dat de producten uit de steunpakketten verkocht, verhandeld of achtergelaten worden.
           

          Artikel 8: Inwerkingtreding

          Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en loopt tot en met 31 december 2031. 

          -----------------------

          [1] De aanvrager heeft betalingsachterstand (schulden) die een betaalprobleem vormen of de aanvrager heeft geen betalingsachterstanden, maar houdt op het einde van de maand weinig tot geen budget over en heeft onvoldoende spaargelden om beroep op te doen.

          [2] Iedere vrouw die in aanmerking komt kan éénmalig twee menstruatiecups verkrijgen. Dit is een duurzame maatregel en zorgt ervoor dat het recht op andere menstruatieproducten vervalt. Het recht kan opnieuw geopend worden door een nieuwe aanvraag te doen.



          Artikel 2: Een afschrift van dit besluit wordt bezorgd aan de dienst Financiële en Sociale Hulp en aan de financiële dienst.



          Artikel 3:
           De voorzitter van het vast bureau maakt het reglement (en de inhoud ervan) via de webtoepassing van de gemeente bekend overeenkomstig artikel 285 §2 en artikel 286 §2.
          In uitvoering van artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn op dezelfde dag als de bekendmaking van de besluiten op de webtoepassing van de gemeente, de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking ervan.

        • GOEDKEUREN AANGEPAST REGLEMENT PARTICIPATIE EN SOCIALE ACTIVERING TOT EIND 2031

          Aanwezig: Tony Boeckaert, voorzitter
          Simon Lagrange, voorzitter van het vast bureau
          Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, leden van het vast bureau
          Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Sylvie Bohez, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Berkan Nalli, lid van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Bevoegdheid
          • Artikel 78 van het decreet lokaal bestuur op grond waarvan de raad voor maatschappelijk welzijn bevoegd is voor het vaststellen van reglementen.
          Wetten en reglementen
          • De wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
          • De organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
          • Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
          • Het besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn d.d. 15 december 2020 houdende het reglement participatie en sociale activering.
          Feiten
          • Het reglement participatie en sociale activering werd goedgekeurd op de raad voor maatschappelijk welzijn van 15 december 2020. De uitgaven werden voor het grootste deel gefinancierd door de jaarlijkse Federale toelage voor participatie en sociale activering. 
          • De Federale overheid heeft beslist om deze toelage vanaf 2026 te schrappen. Het bestuur wenst verder in te zetten op participatie en sociale activering en voorziet daarom het nodige budget in het meerjarenplan.
          • Het reglement participatie en sociale activering werd geëvalueerd. Het huidige reglement en de nieuwe versie worden toegevoegd als bijlage. Er werden enkele aanpassingen doorgevoerd: 
            • De grens van het spaargeld werd gelijkgesteld aan de grenzen in het reglement voedselbedeling: max. 6.200 euro, verhoogd met 500 euro per kind ten laste. 
            • Het maximumbedrag per persoon en per gezin wordt behouden, maar anders omschreven aangezien niet meer gesproken wordt over categorieën:
            • Huidig reglement Voorstel nieuw reglement
              • 75 euro voor een volwassene, te verdelen onder categorie A. 
              • 100 euro voor een minderjarig kind te verdelen onder categorie A en C. 
              • Met een maximum van 250 euro per gezin. Mits motivatie in een sociaal verslag 
                kan hiervan afgeweken worden.
              • maximum 75 euro per volwassene
              • maximum 100 euro 
                voor een minderjarig kind
              • maximum 250 euro per gezin
            • Er worden bepaalde uitgaven expliciet uitgesloten:
              • Fitnessabonnementen
              • Abonnementen voor digitale televisie en streamingdiensten
              • Tickets voor pretpark en cinema
              • Tickets voor verplaatsingen naar het buitenland.
          Adviezen
          • De dienst Financiële en Sociale Hulp (FSH) adviseert de goedkeuring van het aangepast reglement participatie en sociale activering gunstig.
          Motivatie
          • De tussenkomst participatie en sociale activering zorgt ervoor dat vrijetijdsactiviteiten financieel toegankelijker worden voor personen met een beperkt budget. Op die manier kan men volwaardig participeren aan de maatschappij. 
          • Vrije tijd is vaak één van de eerste uitgaven die worden geschrapt bij een te beperkt besteedbaar budget. 
          • Participatie is belangrijk voor de sociale ontwikkeling en ontplooiing van het individu. 
          Financiële impact
          • Het budget staat ingeschreven in het meerjarenplan 2026-2031.
          Bespreking
          • Voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst Steven Van Troys licht het agendapunt ter zitting toe. 
          • Raadslid Ward Baeten stelt dat voor bepaalde zaken ook een tussenkomst bestaat door de mutualiteit.  De vraag is of dit voorafgaand in mindering wordt gebracht.  Dit wordt bevestigd voor de voorzitter van het bijzonder comité. 
          Publieke stemming
          Aanwezig: Tony Boeckaert, Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, Sylvie Bohez
          Voorstanders: Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, Tony Boeckaert
          Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
          Beslissing

          Artikel 1: De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de aanpassing van het reglement participatie en sociale activering goed. Het aangepaste reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en loopt tot en met 31 december 2031.



          Artikel 1: Bevoegdheid

          Het toekennen van individuele steun, zoals een tussenkomst in het kader van participatie en sociale activering, is een bevoegdheid van het bijzonder comité voor de sociale dienst (art. 113 decreet lokaal bestuur).


          Artikel 2: Doelstelling

          De financiële tussenkomst in kader van participatie en sociale activering heeft als doel de maatschappelijke integratie en participatie te verhogen en het sociaal isolement te doorbreken door maatschappelijk zinvolle activiteiten te ondernemen.


          Artikel 3: Doelgroep

          De financiële tussenkomst kan enkel worden toegekend indien aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

          • De aanvrager is woonachtig in Zulte.
            Uitzondering: daklozen en studenten die een leefloon ontvangen van het OCMW van Zulte, maar niet woonachtig zijn in Zulte.
          • De aanvrager verkeert in een sociaal of financieel kwetsbare situatie, vastgesteld na een sociaal en financieel onderzoek.
          • De aangevraagde tussenkomst kadert binnen de doelstelling van participatiebevordering.
          • De aanvrager beschikt over maximum 6.200 euro aan spaargelden. Dit bedrag wordt verhoogd met 500 euro per persoon ten laste.


          De volgende doelgroepen zijn bij wet uitgesloten:

          • Personen zonder een wettelijk verblijfsrecht
          • Verzoekers om internationale bescherming
          • Personen van wie de kwetsbare situatie niet kan worden aangetoond


          Artikel 4: Steun

          De tussenkomst kan worden aangevraagd uit de volgende 2 categorieën:

           

          1. Bevorderen van maatschappelijke integratie en participatie van volwassenen

          1. Een tussenkomst in de deelname aan sociale, sportieve of culturele verenigingen
          2. Een tussenkomst in het inschrijvingsgeld en/of de aankoop van cursusmateriaal in kader van een opleidingen binnen een inburgeringstraject en/of activeringstraject
          3. Een tussenkomst in de aankoop van abonnementen voor het openbaar vervoer
          4. Een tussenkomst in de kosten van internet en telefonie
          5. Een tussenkomst voor de aankoop van sportmateriaal en sportkledij

           

          2. Bevorderen van maatschappelijke integratie en participatie van kinderen

          1. Een tussenkomst in de deelname aan sociale, sportieve of culturele verenigingen
          2. Een tussenkomst in de kosten voor logopedie en ergotherapie
          3. Een tussenkomst in de schoolkosten (inschrijvingsgeld, uitstappen, schoolmateriaal, …)
          4. Een tussenkomst in de kosten voor kinderopvang (voor- en naschoolse kinderopvang)
          5. Een tussenkomst in de kosten voor zwemlessen
          6. Een tussenkomst voor de aankoop van sportmateriaal en sportkledij

           

          De volgende uitgaven komen niet in aanmerking voor een tussenkomst:

          • Fitnessabonnementen
          • Abonnementen voor digitale televisie en streamingdiensten
          • Tickets voor pretpark en cinema
          • Tickets voor verplaatsingen naar het buitenland

           

          De tussenkomst wordt beperkt op basis van het aantal gezinsleden. De tussenkomst mag op jaarbasis onderstaande bedragen niet overschrijden:

          • maximum 75 euro per volwassene
          • maximum 100 euro voor een minderjarig kind
          • maximum 250 euro per gezin


          De tussenkomst wordt uitbetaald na het voorleggen van de factuur en/of het betaalbewijs. Indien er een tussenkomst kan verkregen worden via de mutualiteit, moet deze eerst verrekend worden.


          Artikel 5: Procedure

          1. De aanvrager maakt een afspraak met de dossierbeheerder om de steun aan te vragen.
          2. De dossierbeheerder onderzoekt de financiële en sociale situatie van de aanvrager en zijn/haar gezin. Om de financiële situatie in kaart te brengen worden de inkomsten van alle gezinsleden en de vaste kosten in kaart gebracht.
          3. De dossierbeheerder gaat na of de aanvrager en zijn/haar gezin recht hebben op een UiTPAS met kansentarief. Op die manier kan de financiële drempel bij meerdere activiteiten worden weggenomen.
          4. De aanvraag wordt genoteerd op de lijst met tussenkomsten participatie en sociale activering. Deze lijst wordt ter goedkeuring voorgelegd op het eerstvolgende bijzonder comité voor de sociale dienst.
          5. Nadat een beslissing werd genomen door het bijzonder comité voor de sociale dienst, wordt de cliënt hiervan per brief in kennis gesteld.
          6. Bij een positieve beslissing wordt de tussenkomst uitbetaald na het voorleggen van de factuur en/of het betaalbewijs.


          Artikel 6: Inwerkingtreding

          Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026. 

           


           

          Artikel 2: Het reglement participatie en sociale activering, zoals goedgekeurd door de raad voor maatschappelijk welzijn op 15 december 2020 wordt opgeheven vanaf 1 januari 2026.

           

          Artikel 3: Een afschrift van dit besluit wordt bezorgd aan de dienst Financiële en Sociale Hulp en aan de dienst Financiën.


          Artikel 4: De voorzitter van het vast bureau maakt het reglement (en de inhoud ervan) via de webtoepassing van de gemeente bekend overeenkomstig artikel 285 §2 en artikel 286 §2.
          In uitvoering van artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn op dezelfde dag als de bekendmaking van de besluiten op de webtoepassing van de gemeente, de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking ervan. 

        • GOEDKEUREN REGLEMENT KINDERARMOEDE TOT EIND 2031

          Aanwezig: Tony Boeckaert, voorzitter
          Simon Lagrange, voorzitter van het vast bureau
          Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, leden van het vast bureau
          Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Sylvie Bohez, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Berkan Nalli, lid van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Bevoegdheid
          • Artikel 78 van het decreet lokaal bestuur op grond waarvan de raad voor maatschappelijk welzijn bevoegd is voor het vaststellen van reglementen.
          Wetten en reglementen
          • De wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
          • De organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
          • Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
          Feiten
          • Uit de kinderarmoede-index (cijfers 2024) blijkt dat er in Zulte een hoog risico is op kinderarmoede in vergelijking met de omliggende gemeenten (regio Schelde-Leie). Het cijfer voor Zulte in 2024 bedraagt 10,53%. Daarenboven zien we een stijging in de afgelopen jaren.
          • De kansarmoede-index drukt uit hoe groot het aandeel kinderen van 0 tot 3 jaar in kansarmoede is ten opzichte van het totaal aantal kinderen van 0 tot 3 jaar in de specifieke gemeente. 
          • Het bestuur besliste om in deze legislatuur middelen te voorzien om rond kinderarmoede te werken.
          • Dit reglement kadert in deze beleidskeuze. 
             
          • De doelgroep bestaat uit zwangere vrouwen en kinderen tot 3 jaar.
          • De tussenkomst wordt voorzien voor uitgaven die te maken hebben met de ontwikkeling en gezondheid van ongeboren kind, zwangere vrouw en kind tot 3 jaar.
          • Op basis van de bespreking met de verpleegkundige van Kind en Gezin (Consultatiebureau) werden de volgende zaken opgenomen in het reglement:
            • Een tussenkomst in de aankoop van luiers en een zindelijkheidspotje
            • Een tussenkomst in de medische kosten (niet-terugbetaalde vaccins, vitamine D, foliumzuur,..)
            • Een tussenkomst in de aankoop van een tandenborstel en tandpasta
            • De tussenkomst wordt voorzien voor uitgaven die te maken hebben met de ontwikkeling en gezondheid van ongeboren kind, zwangere vrouw en kind tot 3 jaar.
          • Er wordt een maximum vastgelegd van 100 euro per gezin per jaar.
          Adviezen
          • De dienst Financiële en Sociale Hulp adviseert de goedkeuring van het reglement kinderarmoede gunstig.
          Motivatie
          • Sinds 2017 zien we dat de kansarmoede-index in Zulte is verdubbeld. Die steeg van 5% in 2017 naar 10,53 % in 2024. In vergelijking met de regio Schelde-Leie (= 6,7%, 2024) is dit geen goed resultaat.
          • Het gemiddelde van het Vlaams Gewest is 12,20% in 2024. Dit cijfer ligt hoger dan het Zultse cijfer (10,53%). 
          • Er is dus nood om meer in te zetten op kinderarmoede. 
          • In het meerjarenplan van 2026-2031 wordt ook effectief de keuze gemaakt om meer in te zetten op kinderarmoede.
          Financiële impact
          • Budget is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031.
          • Er werd een gunstig financieel advies verleend door de financieel directeur met nummer FA2025/009.
          Bespreking
          • Voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst Steven Van Troys licht het agendapunt ter zitting toe.  Hij verwijst naar het plan ter bestrijding van de kinderarmoede van Vlaams minister Caroline Gennez.  Dit reglement is een startpunt.  Dit wordt verder opgevolgd en geëvalueerd.  Hetgeen voortvloeit uit het actieplan, zal ook verder opgevolgd worden.
          • Raadslid Céleste Heyerick vindt dit een positief verhaal maar het budget is wel bijzonder beperkt, rekening houdend met de hoge cijfers op vlak van kinderarmoede. Raadslid Marc Devlieger beaamt dit. 
            De voorzitter van het bijzonder comité stelt dat het bedrag louter indicatief is en aangepast zal worden aan de noden die zich daadwerkelijk stellen. 
          • Raadslid Ward Baeten stelt dat er reeds tandenborstels en luiers via andere kanalen verstrekt worden.  
            De voorzitter van het bijzonder comité antwoordt dat dit in de toekomst geëvalueerd & desgevallend aangepast kan worden.  
          Publieke stemming
          Aanwezig: Tony Boeckaert, Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, Sylvie Bohez
          Voorstanders: Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, Tony Boeckaert
          Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
          Beslissing

          Artikel 1: De raad voor maatschappelijk welzijn keurt onderstaand reglement kinderarmoede goed:


          Artikel 1: Bevoegdheid

          Het toekennen van individuele steun, zoals een tussenkomst in het kader van kinderarmoede, is een bevoegdheid van het bijzonder comité voor de sociale dienst (art. 113 decreet lokaal bestuur).

           

          Artikel 2: Doelstelling

          De financiële tussenkomst in kader van het bestrijden van kinderarmoede heeft als doel de kwetsbaarheid van de zwangere vrouw, het ongeboren kind en het kind gedurende de eerste 1000 dagen te verminderen. De focus ligt hier vooral op gezondheid, om de ontwikkeling van het kind te bevorderen.  

           

          Artikel 3: Doelgroep

          De financiële tussenkomst kan enkel worden toegekend indien aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

          • De aanvrager is woonachtig in Zulte. 
            Uitzondering: daklozen en studenten die een leefloon ontvangen van het OCMW van Zulte, maar niet woonachtig zijn in Zulte.
          • De aanvrager verkeert in een sociaal of financieel kwetsbare situatie, vastgesteld na een sociaal en financieel onderzoek.
          • De aangevraagde tussenkomst kadert binnen de doelstelling van de bestrijding van kinderarmoede: ontwikkeling en gezondheidsbevordering van ongeboren kind, zwangere vrouw en kind tot de leeftijd van 3 jaar.
          • De aanvrager beschikt over maximum 6.200 euro aan spaargelden. Dit bedrag wordt verhoogd met 500 euro per persoon ten laste.


          De volgende doelgroepen zijn bij wet uitgesloten:

          • Personen zonder een wettelijk verblijfsrecht
          • Verzoekers om internationale bescherming
          • Personen van wie de kwetsbare situatie niet kan worden aangetoond
           

          Artikel 4: Steun

          De tussenkomst kan worden aangevraagd voor een tussenkomst:

          • In de aankoop van luiers en een zindelijkheidspotje
          • In de medische kosten (vitamine D-supplementen, niet-terugbetaalde vaccins, de aankoop van een bril, foliumzuur …)
          • In de aankoop van een tandenborstel en tandpasta

          De tussenkomst wordt beperkt tot 100 euro per gezin per jaar.

          De tussenkomst wordt uitbetaald na het voorleggen van de factuur en/of het betaalbewijs. Indien er een tussenkomst kan verkregen worden via de mutualiteit, moet deze eerst verrekend worden.


          Artikel 5: Procedure

          1. De aanvrager maakt een afspraak met de dossierbeheerder om de steun aan te vragen.
          2. De dossierbeheerder onderzoekt de financiële en sociale situatie van de aanvrager en zijn/haar gezin. Om de financiële situatie in kaart te brengen worden de inkomsten van alle gezinsleden en de vaste kosten in kaart gebracht.
          3. De aanvraag wordt genoteerd op de lijst met tussenkomsten kinderarmoede. Deze lijst wordt ter goedkeuring voorgelegd op het eerstvolgende bijzonder comité voor de sociale dienst.
          4. Nadat een beslissing werd genomen door het bijzonder comité voor de sociale dienst, wordt de cliënt hiervan per brief in kennis gesteld.
          5. Bij een positieve beslissing wordt de tussenkomst uitbetaald na het voorleggen van de factuur en/of het betaalbewijs.


          Artikel 6: Inwerkingtreding

          Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en loopt tot en met 31 december 2031. Het reglement wordt na één jaar toepassing geëvalueerd en desgevallend bijgestuurd.


           

          Artikel 2: Een afschrift van dit besluit wordt bezorgd aan de dienst Financiële en Sociale Hulp en aan de financiële dienst.


          Artikel 3: De voorzitter van het vast bureau maakt het reglement (en de inhoud ervan) via de webtoepassing van de gemeente bekend overeenkomstig artikel 285 §2 en artikel 286 §2.
          In uitvoering van artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn op dezelfde dag als de bekendmaking van de besluiten op de webtoepassing van de gemeente, de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking ervan. 

        • GOEDKEUREN REGLEMENT TUSSENKOMST NIET-BETAALDE ENERGIEFACTUREN EN AANKOOP ENERGIEZUINIG HUISHOUDTOESTEL TOT EIND 2031

          Aanwezig: Tony Boeckaert, voorzitter
          Simon Lagrange, voorzitter van het vast bureau
          Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, leden van het vast bureau
          Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Aline Van den Weghe, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Sylvie Bohez, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Berkan Nalli, lid van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Afwezig: Delphine Vandenbossche, Marc Vanden Heede, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Bevoegdheid
          • Artikel 78 van het decreet lokaal bestuur.
          Wetten en reglementen
          • De Organieke Wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
          • De Wet van 4 september 2002 houdende toewijzing van een opdracht aan de openbare centra voor maatschappelijk welzijn inzake de begeleiding en de financiële maatschappelijke steunverlening aan de meest hulpbehoevenden inzake energielevering.
          • Het Sociaal noodbesluit van de Vlaamse Regering van 19 oktober 2022 inzake noodmaatregelen energiecrisis.
          • De omzendbrief van 13 april 2010 in kader van preventief sociaal energiebeleid. 
          • Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn d.d. 25 juni 2019 houdende principebeslissing en goedkeuren van reglementen in kader van het energiebeleid.
          • Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn d.d. 27 februari 2024 houdende het aanpassen van het reglement niet-betaalde facturen in kader van het energiebeleid.
          • Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn d.d. 17 december 2024 houdende de verlenging van het reglement tussenkomst aankoop energiezuinig huishoudtoestel.
          Feiten
          • Het Sociaal Huis van Zulte ontvangt jaarlijks een subsidie van het gas- en elektriciteitsfonds. Deze subsidie dient aangewend te worden om inwoners die betalingsmoeilijkheden ondervinden de noodzakelijke ondersteuning en sociale en budgettaire begeleiding te bieden. 
          • In 2024 bestond deze jaarlijkse subsidie uit:
            • 61.161,89 euro tussenkomst in personeelskosten;
            • 10.809,18 euro tussenkomst in de aanzuivering van niet-betaalde rekeningen.
            Verantwoording dient jaarlijks afgelegd te worden via het Uniek Verslag.
          • Het principebesluit en de reglementen inzake energiebeleid werden goedgekeurd in de zitting van de raad voor maatschappelijk welzijn van 25 juni 2019.
            Hierbij werd het reglement houdende het toekennen van een tegemoetkoming voor niet-betaalde energiefacturen goedgekeurd.
          • Tijdens de zitting van de raad voor maatschappelijk welzijn van 22 september 2020 werd het reglement tot het toekennen van een tegemoetkoming voor niet-betaalde energiefacturen aangepast. De maximale tussenkomst werd hierbij opgetrokken van maximum 210 euro per jaar en per huishouden naar maximum 300 euro per jaar en per huishouden.
          • In 2023 kreeg het OCMW een bijkomende toelage van respectievelijk 20.419,98 euro van de Vlaamse overheid en 9.019,94 van de Federale overheid voor preventieve en curatieve acties ten aanzien van inwoners met energieschulden. In 2024 ontving het OCMW opnieuw een bijkomende toelage van 20.419,98 euro van de Vlaamse overheid.
          • In 2023 werd deze bijkomende subsidiëring aangewend om een extra tussenkomst van maximum 300 euro per huishouden te kunnen toekennen. Hiervoor werd er een tijdelijk reglement goedgekeurd door de raad voor maatschappelijk welzijn op 24 oktober 2023. Dit was een tijdelijk reglement en liep tot 31 december 2023. 
          • In 2024 werd het reglement niet-betaalde energiefacturen aangepast en werd de tussenkomst structureel opgetrokken tot max. 500 euro per huishouden per jaar. 
          • In 2025 en in de komende jaren worden geen extra subsidies voorzien vanuit de Vlaamse overheid en de Federale overheid. 
          • Het reglement niet-betaalde energiefacturen werd geëvalueerd en bijgestuurd. 
          • Er wordt gekozen om het reglement rond niet-betaalde energiefacturen en het reglement rond zuinige huishoudtoestellen, in 1 reglement te verwerken.
          • De wijzigingen zijn:
            • Het maximumbedrag per huishouden wordt opnieuw beperkt tot max. 300 euro per jaar (in plaats van 500 euro per jaar). 
            • Het toepassingsgebied wordt uitgebreid waarbij ook waterfacturen ten laste kunnen genomen worden en waarbij er ook een tussenkomst kan voorzien worden in de aankoop van een energiezuinig huishoudtoestel (wasmachine, koelkast of diepvries met energielabel D of beter). De tussenkomst voor de aankoop van een energiezuinig huishoudtoestel wordt beperkt tot 1 tussenkomst per 5 jaar per gezin per soort huishoudtoestel. Dit laatste is om een doorverkoop van de toestellen tegen te gaan. De aankoop van een droogkast wordt uitgesloten.
            • De doelgroep wordt uitgebreid: ook mensen met recht op het sociaal tarief gas en elektriciteit kunnen beroep doen op de tussenkomst. 
            • Bij de procedure wordt voor de energiescan en V-test doorverwezen naar het Energieloket. 
          Adviezen
          • De dienst Financiële en Sociale Hulp adviseert de goedkeuring van het aangepast reglement tussenkomst niet-betaalde energiefacturen en aankoop energiezuinig huishoudtoestel gunstig. 
          Motivatie
          • Omwille van de fluctuerende energieprijzen wordt voorgesteld om de tussenkomst voor niet-betaalde energiefacturen te verlengen.
          • Op heden ontbrak nog een tussenkomst in de waterfactuur en deze leemte ondervangen we nu. 
          • Deze tussenkomst is steeds verbonden aan een energiescan van de woning en het verbruik. Op die manier kan gericht ingegrepen worden om te besparen door het energieverbruik te doen dalen.
          • Het reglement inzake niet-betaalde energiefacturen wordt uitgebreid met een tussenkomst voor de aankoop van een energiezuinig huishoudtoestel.  Het reglement inzake de aankoop van energiezuinige huishoudtoestellen liep ten einde eind december 2025. 
          • Er werd gekozen om beiden reglementen te integreren in 1 nieuw reglement.
          • Deze verlenging inzake de huishoudtoestellen komt er naar aanleiding van de stopzetting van de Vlaamse tussenkomst ("koelkastbon"). 
          • Er wordt voorgesteld om de tussenkomst ook te koppelen aan een V-test waarbij onderzocht wordt of een goedkoper energiecontract kan worden aangegaan.
          • Wanneer het sociaal en financieel onderzoek uitwijst dat er problemen zijn in het bestedingsgedrag van de cliënt, wordt er een begeleidingstraject via het Sociaal Huis opgestart.
          Financiële impact
          • De tussenkomst wordt gefinancierd met middelen vanuit het Gas- en Elektriciteitsfonds. 
          • Het budget wordt voorzien in het meerjarenplan 2026-2031.
          Bespreking
          • Voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst Steven Van Troys licht het agendapunt ter zitting toe. 
          Publieke stemming
          Aanwezig: Tony Boeckaert, Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Aline Van den Weghe, Sylvie Bohez
          Voorstanders: Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Aline Van den Weghe, Tony Boeckaert
          Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
          Beslissing

          Artikel 1: Het aangepast reglement tot het toekennen van een tegemoetkoming voor niet-betaalde energiefacturen en de aankoop van een energiezuinig huishoudtoestel wordt goedgekeurd:

           


          Artikel 1: Bevoegdheid

          Het toekennen van individuele steun, zoals een tussenkomst in het kader van niet-betaalde energierekeningen en de aankoop van een energiezuinig huishoudtoestel, is een bevoegdheid van het bijzonder comité voor de sociale dienst (art. 113 decreet lokaal bestuur).

          Artikel 2: Doelstelling

          De financiële tussenkomst in kader van niet-betaalde energiefacturen en de aankoop van een energiezuinig huishoudtoestel heeft als doel financiële steun te verlenen aan inwoners die geconfronteerd worden met moeilijk te betalen energiefacturen of de noodzaak hebben om een energiezuinig huishoudtoestel aan te schaffen, maar hiervoor de financiële middelen ontbreken. Deze financiële tussenkomst zorgt voor een bescherming tegen mogelijke energiearmoede.

          Artikel 3: Doelgroep

          De financiële tussenkomst kan enkel worden toegekend indien aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

          • De aanvrager is ingeschreven in de gemeente Zulte en verblijft er ook effectief, of voldoet aan de uitzonderingsregel zoals voorzien in de wet van 2 april 1965;
          • De aanvrager ondervindt financiële moeilijkheden, vastgesteld na een sociaal en financieel onderzoek [1];
          • De aanvrager gaat akkoord met een energiescan van de woning;
          • De aanvrager is bereid om de V-test uit te voeren en, indien mogelijk, over te stappen naar de goedkoopste energieleverancier;
          • Indien uit het sociaal en financieel onderzoek blijkt dat de aanvrager geen gezond uitgavenpatroon heeft, is deze bereid om begeleiding te krijgen door de dienst FSH.


          De volgende doelgroepen zijn bij wet uitgesloten:

          • Personen zonder een wettelijk verblijfsrecht
          • Verzoekers om internationale bescherming
          • Personen van wie de kwetsbare situatie niet kan worden aangetoond


          Artikel 4: Steun

          De steun kan worden aangevraagd voor:

          • Een financiële tussenkomst voor de betaling van niet-betaalde energiefacturen (elektriciteit en/of gas);
          • Een financiële tussenkomst voor de betaling van niet-betaalde waterfacturen;
          • Een financiële tussenkomst voor de aankoop van een energiezuinig huishoudtoestel met de volgende energielabels:
          1. Een wasmachine met energielabel D of beter;
          2. Een koelkast met energielabel D of beter;
          3. Een diepvries met energielabel D of beter.

          De tussenkomst wordt beperkt tot maximum 300 euro per jaar per huishouden. De tussenkomst voor de aankoop van een energiezuinig huishoudtoestel wordt beperkt tot 1 tussenkomst per 5 jaar per gezin per soort huishoudtoestel.

          De tussenkomst wordt uitbetaald na het voorleggen van de factuur en/of het betaalbewijs.


          Artikel 5: Procedure

          1. De aanvrager neemt contact op met het Sociaal Huis van Zulte en maakt een afspraak voor een intakegesprek bij de dienst Financiële en Sociale Hulp (FSH). 
            Nadien wordt een dossierbeheerder aangesteld om de vraag voor een tussenkomst en eventuele andere vragen verder te behandelen. Cliënten die reeds gekend zijn in de dienst FSH kunnen rechtstreeks een afspraak maken met hun dossierbeheerder om de tussenkomst aan te vragen.
          2. De dossierbeheerder voert een sociaal en financieel onderzoek op basis van volgende elementen:
            • Het sociaal verslag;
            • Het budgetplan;
            • Een overzicht van de energieschulden en eventuele andere schulden.
          3. De aanvraag voor de tussenkomst niet-betaalde energiefacturen wordt door de dossierbeheerder voorgelegd op het eerstvolgend bijzonder comité voor de sociale dienst. De vraag wordt gestaafd met de nodige documenten:
            • Het sociaal verslag;
            • Het budgetplan;
            • Een overzicht van de energieschulden en eventuele andere schulden.
          4. Het bijzonder comité voor de sociale dienst beslist over de toekenning of weigering van de tussenkomst.
          5. Nadat een beslissing werd genomen door het bijzonder comité voor de sociale dienst, wordt de cliënt hiervan per brief in kennis gesteld.
          6. Bij een positieve beslissing wordt de beslissing van het BCSD bezorgd aan de financiële dienst, samen met de energiefactuur of de factuur van het energiezuinig huishoudtoestel. De steun wordt rechtstreeks aan de energieleverancier of leverancier van het energiezuinig huishoudtoestel uitbetaald.
          7. Er wordt een dossier bewaard met daarin de volgende documenten:
            • Het sociaal verslag;
            • De kennisgevingsbrief;
            • Het besluit van het bijzonder comité voor de sociale dienst;
            • De energiefactuur (of energiefacturen) indien van toepassing;
            • Het aankoopbewijs van het energiezuinig huishoudtoestel indien van toepassing.
          8. Er wordt contact opgenomen met het Energieloket om via een V-test te bekijken of de cliënt kan overstappen naar een goedkoper energiecontract. Daarnaast wordt een gratis energiescan aangevraagd.
           

          Artikel 6: Inwerkingtreding

          Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en loopt tot 31 december 2031.

           

          [1] De aanvrager heeft betalingsachterstand (schulden) die een betaalprobleem vormen of de aanvrager heeft geen betalingsachterstanden, maar houdt op het einde van de maand weinig tot geen budget over en heeft onvoldoende spaargelden om beroep op te doen.



          Artikel 2: De voorzitter van het vast bureau maakt het reglement (en de inhoud ervan) via de webtoepassing van de gemeente bekend overeenkomstig artikel 285 §2 en artikel 286 §2.
          In uitvoering van artikel 330 van het decreet lokaal bestuur brengt het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn op dezelfde dag als de bekendmaking van de besluiten op de webtoepassing van de gemeente, de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking ervan.

      • Personeel

        • AANPASSEN GEÏNTEGREERD ORGANOGRAM MET INGANG VAN 1 JANUARI 2026

          Aanwezig: Tony Boeckaert, voorzitter
          Simon Lagrange, voorzitter van het vast bureau
          Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, leden van het vast bureau
          Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Sylvie Bohez, algemeen directeur
          Verontschuldigd: Berkan Nalli, lid van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Bevoegdheid
          • Artikel 161 eerste lid van het decreet lokaal bestuur dat stelt dat de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn het gezamenlijk organogram van de diensten van de gemeente en van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn vaststellen.
          • Het organogram van het gemeente- en OCMW-personeel is gemeenschappelijk en een bevoegdheid van de beide raden. Beide raden moeten de wijzigingen goedkeuren, ook al betreffen de wijzigingen slechts één van beide rechtspersonen (advies VVSG d.d. 11 december 2023).
          Wetten en reglementen
          • Het Besluit van de Vlaamse regering van 8 maart 2023 tot vaststelling van de minimale voorwaarden van de rechtspositieregeling van het personeel van lokale en provinciale besturen.
          • Het besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 21 oktober 2025 waarbij het organogram werd aangepast. 
          Feiten
          • De laatste aanpassing van het organogram werd goedgekeurd in de raad van 21 oktober 2025.
          • Een actualisatie en optimalisatie van het organogram dringt zich op.
          • Op het vast bureau van 23 oktober 2025 heeft het bestuur dit voorstel geformuleerd.
          • Dit is deels gebaseerd op de interne omgevingsanalyse van 2024 die gevoerd werd door het managementteam.  
            Uit de interne omgevingsanalyse blijkt ook de nood aan verdere uitbreiding van het organogram. Het bestuur opteert er voorlopig voor om een ev. verdere uitbreiding in de tijd te spreiden & dit op basis van financiële afwegingen/prioriteiten.
          Adviezen
          • Het syndicaal onderhandelingscomité is samengekomen op 28 november 2025 en heeft zich akkoord verklaard met het voorstel (gunstig advies).
          Motivatie
          • In het meerjarenplan wordt rekening gehouden met de bijkomende functies.
          • Binnen het departement Organisatie:
            • Twee bevorderingsfuncties B4-B5 worden voorzien binnen het departement Organisatie, meer bepaald voor de 2 functies van deskundige ICT B1-B3.  Een benchmark met de privésector en het feit dat dit knelpuntberoepen betreft, rechtvaardigen deze evolutie. 
            • 1 VTE deskundige GIS B1-B3 wordt verplaatst naar het departement Ruimte en valt niet langer onder het departement Organisatie. Momenteel wordt deze functie niet ingevuld. Indien wel, dan zou de medewerker in de feiten aangestuurd worden door het departementshoofd Ruimte en niet door het departementshoofd Organisatie. Er is een grotere link met de diensten Omgeving en Infrastructuur en wonen dan met de dienst ICT/Communicatie en Digitalisering. 
            • 1 VTE administratief medewerker C1-C3 van de dienst Onthaal en Secretariaat van het Sociaal Huis wordt verplaatst naar de dienst Personeel van het departement Organisatie en wordt 1 VTE administratief medewerker Personeel C1-C3. Deze verplaatsing beantwoordt aan de realiteit. De medewerker ondersteunde al een hele tijd de deskundige Personeel in het Sociaal Huis (en in mindere mate de deskundige Personeel van de gemeente) en werkte nog beperkt voor de dienst Onthaal en Secretariaat van het Sociaal Huis. Doordat er in oktober 0,50 VTE onthaalmedewerker werd toegevoegd aan de dienst Onthaal en Secretariaat (besluit raad 21 oktober 2025), kan deze medewerker volledig schuiven naar de dienst Personeel en wordt dit nu ook zo opgenomen in het organogram.
          • Binnen het departement Financiën:
            • Het voorzien van 1 FTE beleidsmedewerker Financiën A1a-A3a: momenteel worden er binnen het departement Financiën 2 VTE's administratief medewerker C4-C5 voorzien in het organogram. Aangezien 1 van deze medewerkers volgend jaar op pensioen gaat, werd voorzien dat dit een B1-B3 betrekking werd. Deze voorziene B1-B3 betrekking krijgt een upgrade naar de functie van beleidsmedewerker Financiën A1A-A3a. Met een kleine meerkost wordt een grote meerwaarde gecreëerd. De medewerker zal diepgaander zoeken naar besparingen en subsidies. Zo kan de meerkost potentieel terugverdiend worden. Andere taken die opgenomen worden: beleidsvoorbereidend meewerken aan het meerjarenplan, het plan strategisch opvolgen en rapporteren, bevoegd zijn voor informatieveiligheid,... Andere taken, zoals de kerkfabrieken, die reeds tot het takenpakket van de administratief medewerker C4-C5 behoorden, blijven behouden. 
          • Binnen het departement Mens, gemeente:
            • Een bevorderingsfunctie B4-B5 wordt voorzien binnen het departement Mens, dienst Burgerzaken/ Onthaal, meer bepaald voor de functie van diensthoofd Burgerzaken en Onthaal, voorheen een C4-C5 betrekking. De dienst Onthaal zal rechtstreeks aangestuurd worden door het diensthoofd Burgerzaken en Onthaal en niet langer door het diensthoofd Burger en Vrije Tijd. Ook reglementen die nu de bevoegdheid zijn van laatstgenoemde, zullen de verantwoordelijkheid worden van het diensthoofd Burgerzaken en Onthaal waardoor er op termijn tijd vrijkomt bij het diensthoofd Burger en Vrije Tijd om de dienst Vrije Tijd te ondersteunen.
            • Het aanpassen van 0,50 VTE administratief medewerker Onthaal naar 0,85 VTE C1-C3 waarvan 0,35 VTE D1-D3. Een medewerker werd via een informele re-integratieprocedure toegevoegd aan de dienst Onthaal. Betrokkene was voorheen een poetshulp E1-E3. Deze functie diende niet vacant te zijn. Het aantal VTE's van de dienst Onthaal wordt nu aangepast aan de realiteit.
            • Het aanpassen van 0,75 VTE zaalverantwoordelijke D1-D3 binnen de dienst Cultuur naar 0,60 VTE aangezien dit beantwoordt aan de realiteit en een grotere bezetting niet nodig blijkt.

          • Binnen het departement Mens, Sociaal Huis:
            • Een bevorderingsfunctie A5a-A5b wordt voorzien binnen het departement Mens, meer bepaald voor de functie van directeur Sociaal Huis, voorheen een A4a-A4b betrekking. Het Huis van het Kind zal volledig -ook inhoudelijk- worden aangestuurd door de directeur Sociaal Huis en niet langer door het diensthoofd Burger en Vrije Tijd en de directeur Sociaal Huis samen. Hierdoor komt er tijd vrij bij het diensthoofd Burger en Vrije Tijd voor ondersteuning van de dienst Vrije Tijd.
            • Het aanpassen van 15,75 VTE kinderbegeleiders C1-C3/IFIC 11 in de dienst Initiatief Buitenschoolse Kinderopvang naar 12,30 VTE aangezien dit beantwoordt aan de realiteit door de samenwerking met Ferm.
            • Het aanpassen van 30,50 VTE huishulpen EDC1-EDC3 naar 21 VTE in de dienst Zorg aangezien dit beantwoordt aan de realiteit.
            • Het aanpassen van de functietitel van vakman Karweidienst D1-D3 naar 1 VTE Karweidienst  omdat de reglementering stelt dat de benamingen van de functies niet meer mannelijk of vrouwelijk mogen zijn.
            • Het aanpassen van 1 VTE administratie in de dienst Initiatief Buitenschoolse Opvang naar 0,75 VTE en het verschuiven van die 0,25 VTE C1-C3 naar de dienst Onthaal en Secretariaat omdat dit beantwoordt aan de realiteit waar de noden anders liggen.
            • Het voorzien van een bijkomende functie 0,50 VTE brugfiguur Onderwijs B1-B3 in de dienst Financiële en Sociale hulp. De cohesie tussen het Sociaal Huis en het onderwijs zal zorgen voor een grotere impact op de kinderarmoede en een verlaging van de drempel naar het Sociaal Huis.

            Binnen het departement Ruimte:
            • Het aanpassen van de functietitels van vakmannen naar medewerkers Logistiek, Patrimonium en Groen D1-D3 binnen de dienst Technische uitvoer omdat de reglementering stelt dat de benamingen van de functies niet meer mannelijk of vrouwelijk mogen zijn.
            • 1 VTE deskundige GIS B1-B3 wordt verplaatst naar het departement Ruimte en valt niet langer onder het departement Organisatie. Momenteel wordt deze functie niet ingevuld. Indien wel, dan zou de medewerker in de feiten aangestuurd worden door het departementshoofd Ruimte en niet door het departementshoofd Organisatie. Er is een grotere link met de diensten Omgeving en Infrastructuur en wonen dan met de dienst ICT/Communicatie en Digitalisering. 
          Financiële impact
          • De financiële impact is opgenomen in het meerjarenplan 2025.
          Bespreking
          • Voorzitter van het vast bureau Simon Lagrange licht het agendapunt ter zitting toe.
          • Raadslid Ward Baeten stelt dat het Sociaal Huis in het verleden in het 5de leerjaar langskwam voor toelichting.  Gebeurt dit nog?  Hoe zal de functie van brugfiguur Onderwijs ingevuld worden?  
            Lid van het vast bureau Fauve Tack stelt navraag te doen m.b.t. de toelichting in het 5de leerjaar. 
            Lid van het vast bureau Fauve Tack stelt dat dit initiatief vooral volgt uit signalen die uitgaan van alle scholen.  Dit zal een grote meerwaarde betekenen.  
          • Raadslid Céleste Heyerick vraagt of dit niet overlapt met de werking van het CLB? 
            Lid van het vast bureau Fauve Tack stelt dat er een samenwerking zal moeten zijn maar ook het CLB is vaak overbelast. De brugfiguur is een meerwaarde en aanvulling. 
          • Raadslid Luc Roggeman polst naar de aanwerving van de maatschappelijk werkers.  
            Voorzitter van het vast bureau Simon Lagrange antwoordt dat de eerste selectieprocedure zonder geslaagde kandidaten werd beëindigd.  De procedure wordt hernomen. 
          Publieke stemming
          Aanwezig: Tony Boeckaert, Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, Sylvie Bohez
          Voorstanders: Simon Lagrange, Sophie Delaere, Olivier Peirs, Michaël Vandemeulebroecke, Fauve Tack, Steven Van Troys, Ward Baeten, Rudy Beulque, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Marc Devlieger, Katrien De Waele, Yentl De Wever, Céleste Heyerick, Lieven Lippens, Luc Millecamps, Marc Nachtergaele, Luc Roggeman, Delphine Vandenbossche, Stephen Vandenbossche, Tania Verpraet, Marc Vanden Heede, Aline Van den Weghe, Tony Boeckaert
          Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
          Beslissing

          Artikel 1: Het geïntegreerd organogram voor het gemeente- en OCMW-personeel van Zulte wordt vastgesteld met ingang vanaf 1 januari 2026 en wordt als bijlage bij het besluit geviseerd. 

          Artikel 2 Overeenkomstig artikel 285 §2, 1° van het decreet lokaal bestuur wordt het besluit door de voorzitter van het vast bureau bekend gemaakt op de webtoepassing van de gemeente. 
          Overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur wordt op dezelfde dag als de bekendmaking op de webtoepassing van de gemeente de toezichthoudende overheid op de hoogte gebracht van de bekendmaking ervan. 

Namens RAAD VOOR MAATSCHAPPELIJK WELZIJN,

Sylvie Bohez
algemeen directeur

Tony Boeckaert
voorzitter