Terug
Gepubliceerd op 29/01/2024

Besluit  GEMEENTERAAD

di 23/01/2024 - 19:30

AANPASSEN CONCESSIEREGLEMENT BEGRAAFPLAATSEN MET INGANG VAN 1 FEBRUARI 2024

Aanwezig: Olivier Peirs, voorzitter
Simon Lagrange, burgemeester
Sophie Delaere, Michaël Vandemeulebroecke, Tony Boeckaert, Fauve Tack, Francky De Coster, schepenen
Ward Baeten, Kathleen Blauwblomme, Catherine De Smet, Monique De Smet, Marc Devlieger, Hendrik De Waele, Katrien De Waele, Sofia Ezzine, Henk Heyerick, Talitha Lossy, Marc Nachtergaele, Delphine Vandenbossche, Philippe Van Steenberghe, Steven Van Troys, Pieter Verhalle, Tania Verpraet, Stefanie Vroman, gemeenteraadsleden
Sylvie Bohez, algemeen directeur
Verontschuldigd: Lieven Lippens, gemeenteraadslid
Bevoegheid
  • Artikel 41 van het decreet lokaal bestuur op grond waarvan de gemeenteraad bevoegd is voor het vaststellen van reglementen.

     

Wetten en reglementen
  • De wet van 20 juli 1971 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging.
  • Het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging.
  • Het besluit van de Vlaamse regering van 14 mei 2004 tot organisatie, inrichting en beheer van begraafplaatsen en crematoria.
Feiten
  • De dienst Burgerzaken stelt voor om volgende aanpassingen te doen in artikel 8 'retroactieve thuisbewaring' van het concessiereglement begraafplaatsen, dit conform artikel 24 en 24bis van het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging: 
    • Volgende zin 'De aanvraag dient schriftelijk te worden ingediend door de overlevende echtgeno(o)t(e), samenlevende partner of bloedverwanten eerste graad.' als volgt aan te passen: 'De aanvraag dient gezamenlijk en schriftelijk te worden ingediend door zowel de overlevende echtgenoot of samenlevende partner als door alle bloed- of aanverwanten eerste graad of, indien het om een minderjarige gaat, door de ouders of de voogd.'
    • Schrappen van de zin 'De aanvraag wordt gedurende een periode van 1 jaar afgekondigd aan het betrokken perceel of nis' aangezien dit niet in het decreet wordt vermeld.
    • Toevoegen van de zin: 'Voor de kosten verbonden aan het verwijderen van de asurne uit een graf of een columbarium wordt een gemeentelijke ontgravingstaks aangerekend zoals bepaald in het gemeentelijk retributiereglement.'
  • Om onduidelijkheden te vermijden en uit praktische overwegingen, wordt voorgesteld om:
    • Volgende zin 'De terugplaatsing van de afdekplaat gebeurt door de gemeentelijke grafmaker en de terugplaatsing van een grafzerk gebeurt door de nabestaanden, zowel bij de start als bij het einde van de procedure' te verduidelijken en te vervangen door: 'Het weghalen en terugplaatsen van de afdekplaat van een graf (urnenveld en -kelder) of nis (columbarium) gebeurt door de gemeentelijke grafmaker. Het weghalen en terugplaatsen van een grafzerk (graf volle grond en kelder) gebeurt door de nabestaanden.'
    • Volgende zin toe te voegen: 'Indien - naar aanleiding van de overbrenging van de asurne - wordt vastgesteld dat de urne niet meer in goede staat is, moet deze door de verzoeker van de bewaring vervangen worden.'
    • Toevoegen van de zin: 'Van elke overbrenging wordt een proces-verbaal opgemaakt door de politie die steeds aanwezig is bij een overbrenging, en de begraafplaats ook tijdelijk zal sluiten voor het publiek.'
Bespreking
  • Schepen Michaël Vandemeulebroecke licht het agendapunt ter zitting toe.
Beslissing

Artikel 1: Het concessiereglement op de begraafplaatsen en lijkbezorging wordt met ingang van 1 februari 2024 aangepast als volgt:

 


Artikel 1: FORMALITEITEN

 

Een concessie kan slechts dienen voor:

 

  • de begunstigde;
  • zijn echtgenoot;
  • zijn wettelijk of feitelijk samenwonende partner;
  • zijn bloed- of aanverwanten;
  • personen daartoe aangewezen door de concessiehouder en die daartoe bij de gemeentelijke overheid hun wil te kennen hebben gegeven.

 

Er mag aan een concessie nooit een andere bestemming worden gegeven dan die waarvoor ze werd verleend. Concessies zijn onoverdraagbaar. Het college van burgemeester en schepenen kan wijzigingen toestaan.

 

Concessies worden verleend door het college van burgemeester en schepenen. De bevoegdheid geldt ook voor het verlengen en hernieuwen van concessies, voor de terugneming van verwaarloosde concessies en de voortijdige beëindiging van concessies. Bezwaren tegen de voortijdige beëindiging van een concessie dienen schriftelijk te worden ingediend.

 

Nieuwe concessies, verlengingen en hernieuwingen van concessies worden verleend onder de voorwaarden bepaald in het politie- en concessiereglement op de begraafplaatsen en het algemeen retributiereglement.

 

De aanvangsdatum van een concessiecontract is de datum van goedkeuring door het college van burgemeester en schepenen.

 

Een concessieaanvraag mag worden ingediend ten behoeve van familie of een derde én vermeldt de identiteit van de begunstigden.

 

Wanneer een concessie een einde neemt, door eender welke procedure, heeft de concessionaris 1 maand tijd om de graftekens weg te nemen. Na verloop van die periode zal dit door de gemeentelijke technische uitvoeringsdienst worden gedaan.

 

Stoffelijke resten worden vijfjaarlijks door een gespecialiseerde firma ontruimd en afgevoerd naar een knekelput (verzamelgraf). De assen worden uitgestrooid op de strooiweide van de betrokken begraafplaats.

 

Gemeenschappelijke zerken in functie van 2 concessies zijn enkel toegestaan indien de concessies verstrijken op dezelfde vervaldag. Indien slechts één van beide concessies wordt hernieuwd, dient de gemeenschappelijke zerk te worden verwijderd.

 

 

Artikel 2: AANVANG EN DUUR VAN EEN NIEUWE CONCESSIE

 

Concessies worden aangegaan voor een periode van 30 jaar. Zij hebben steeds betrekking op maximum 2 personen. Indien een urne wordt begraven in een perceel volle grond of grafkelder bestemd voor een kist, dan geldt het respectievelijk aantal en retributie.

 

Concessies worden enkel toegestaan op de plaatsen die daarvoor aangewezen zijn op de begraafplaatsen.

 

Op het in concessie gegeven perceel moet een grafzerk/grafornament geplaatst worden, tenzij op een andere nette manier onderhouden of aangelegd.

 


Artikel 3: VERLENGING EN HERNIEUWING VAN EEN CONCESSIE

 

Concessies kunnen op aanvraag van enig belanghebbende verlengd worden.

 

Verlengingen kunnen worden toegestaan voor 15 of 30 jaar. Verlengingen kunnen geweigerd worden indien blijkt dat op het moment van de aanvraag de concessie verwaarloosd is.

 

Minstens 1 jaar vóór het verstrijken van de concessie moet de burgemeester of zijn gemachtigde een akte van bekendmaking opmaken betreffende de mogelijkheid tot verlenging van de concessie. Een afschrift van de akte wordt 1 jaar lang uitgehangen aan het betrokken graf en aan de ingang van de begraafplaats.

 

Indien geen aanvraag tot verlenging wordt ingediend vóór het vervallen van de concessie, vervalt de concessie.

 

De aanvraag om hernieuwing kan worden gedaan vóór het verstrijken van de vervaldatum van de lopende concessie, zowel met als zonder bijzetting. Een nieuwe termijn begint dan te lopen vanaf de bijzetting van de tweede begunstigde. Zonder bijzetting neemt de nieuwe termijn aanvang vanaf datum goedkeuring college van burgemeester en schepenen.

 

Bij bijzetting tijdens een lopende concessie, wordt aan de bijgezette begunstigde ook een wettelijke grafrust van 10 jaar gegarandeerd, ongeacht of de oorspronkelijke concessie tijdens die 10 jaar verstrijkt. Wanneer de oorspronkelijke grafconcessie vervalt, wordt op basis van de grafrust van de bijgezette begunstigde, de nieuwe vervaldatum berekend op datum van overlijden van de tweede begunstigde.

 

Nieuwe concessies keramische sierurne in een urnentuin worden niet meer toegestaan. Het bijzetten van de tweede begunstigde is mogelijk en de concessie kan worden verlengd of hernieuwd voor de duur van 15 of 30 jaar.

 

 

Artikel 4: EEUWIGDURENDE CONCESSIES

 

Eeuwigdurende concessies werden afgeschaft bij wet van 20 juli 1971 en kunnen kosteloos worden omgezet naar 50-jarige concessies.

 

Concessies kunnen op aanvraag van enig belanghebbende steeds voor 50 jaar verlengd worden.

 

Minstens 1 jaar vóór het verstrijken van de concessie moet de burgemeester of zijn gemachtigde een akte van bekendmaking opmaken betreffende de mogelijkheid tot verlenging van de concessie. Een afschrift van de akte wordt 1 jaar lang uitgehangen aan het betrokken graf en aan de ingang van de begraafplaats.

 

Indien geen aanvraag tot verlenging wordt ingediend vóór het vervallen van de concessie, vervalt de concessie.

 

 

Artikel 5: VOORTIJDIGE BEËINDIGING VAN EEN CONCESSIE

 

De aanvraag tot voortijdige beëindiging kan, op schriftelijk verzoek, op de dienst burgerzaken worden aangevraagd door de concessiehouder, zijn erfgenamen of door rechthebbenden.

 

De akte tot bekendmaking wordt 1 jaar lang uitgehangen aan het desbetreffend graf en aan de ingang van de begraafplaats. Na het verlopen van dat jaar zonder schriftelijk ingediende bezwaren tegen deze beëindiging, wordt de concessie vroegtijdig beëindigd.

 

Wanneer een concessie voortijdig eindigt, wordt er geen terugbetaling gedaan.

 

 

Artikel 6: OMZETTING VAN NIET-GECONCEDEERDE GROND NAAR EEN CONCESSIE

 

Er worden geen concessies verleend op plaatsen die bestemd zijn voor niet-geconcedeerde gronden, met uitzondering van kindergraven. In geval van een kindergraf, is de retributie verschuldigd vanaf de datum van de begrafenis (met terugwerkende kracht) én de concessie neemt eveneens aanvang vanaf die datum.

 

Niet-geconcedeerde graven of nissen kunnen evenwel, mits ontgraving (volle grond, grafkelder) of overbrenging (urne), omgezet worden tot een concessie op aanvraag of bij een vijfjaarlijkse ontruiming. Dit dient te gebeuren aangezien er aanvankelijk werd begraven in niet-geconcedeerde grond of werd bijgezet in een niet-geconcedeerd columbarium.

 

Bij een vijfjaarlijkse ontruiming wordt de externe ontruimingsfirma door de gemeente aangesteld, bij een ontgraving op aanvraag dient de aanvrager een firma aan te stellen.

 


Artikel 7: ONTGRAVING EN OVERBRENGING

 

Er mag slechts worden overgegaan tot ontgraving of overbrenging na machtiging door de burgemeester, met uitzondering van een ontgraving door een gerechtelijke beslissing.

 

Een gemotiveerde aanvraag tot ontgraven of overbrengen moet schriftelijk worden gericht aan de dienst burgerzaken. Het verlenen van toestemming kan enkel omwille van ernstige redenen.

 

Ontgravingen op aanvraag worden steeds uitgevoerd door een gespecialiseerde firma, aangeduid door de aanvrager en op diens kosten.

 

Overbrenging van een urne, bijgezet in een columbarium, volle grond of urnenkelder wordt gedaan door de gemeentelijke grafmakers.

 

Een nieuwe concessie na ontgraving of overbrenging neemt steeds aanvang op de dag van ontgraving of overbrenging.

 

Van elke ontgraving en overbrenging wordt een proces-verbaal opgemaakt door de politie die steeds aanwezig is bij een ontgraving en overbrenging, en de begraafplaats ook tijdelijk zal sluiten voor het publiek.

Indien de staat van de opgegraven kist of asurne het vereist, wordt zij vernieuwd op kosten van de aanvrager.

 

 

Artikel 8: RETROACTIEVE THUISBEWARING

 

De aanvraag dient gezamenlijk en schriftelijk te worden ingediend door zowel de overlevende echtgenoot of samenlevende partner als door alle bloed- of aanverwanten eerste graad of, indien het om een minderjarige gaat, door de ouders of voogd.
De aanvraag kan worden ingediend zolang de termijn van de concessie loopt én kan slechts éénmaal worden ingediend. De plaats van bewaring of uitstrooiing van de as wordt in de aanvraag aangeduid.
Indien na een reeds plaatsgevonden lijkbezorging na crematie een aanvraag wordt ingediend om de as thuis te bewaren, uit te strooien of te begraven op een andere plaats dan de gemeentelijke begraafplaats, dan neemt de concessie pas een einde twee jaar na verwijdering van de urne uit een graf of columbarium. Het geconcedeerde perceel dient bijgevolg gedurende een periode van 2 jaar bewaard te worden. De bewaartermijn heeft geen invloed op de oorspronkelijke toegekende concessietermijn.

Het weghalen en terugplaatsen van de afdekplaat van een graf (urnenveld en -kelder) of nis (columbarium) gebeurt door de gemeentelijke grafmaker. Het weghalen en terugplaatsen van een grafzerk (graf volle grond en kelder) gebeurt door de nabestaanden.
Indien - naar aanleiding van de overbrenging van de asurne - wordt vastgesteld dat de urne niet meer in goede staat is, moet deze door de verzoeker van de bewaring vervangen worden.

Wanneer de thuisbewaring van een asurne na de termijn van twee jaar ophoudt, kan de as van de overledene uitgestrooid worden of kan de asurne opnieuw bijgezet worden in een concessie op één van de gemeentelijke begraafplaatsen. Er is de verplichting voor de concessionaris, om gedurende de periode dat de asurne thuis wordt bewaard, het grafmonument te behouden én te onderhouden.

Voor de kosten verbonden aan het verwijderen van de asurne uit een graf of een columbarium wordt een gemeentelijke ontgravingstaks aangerekend zoals bepaald in het gemeentelijk retributiereglement. 

Van elke overbrenging wordt een proces-verbaal opgemaakt door de politie die steeds aanwezig is bij een overbrenging, en de begraafplaats ook tijdelijk zal sluiten voor het publiek.

Wanneer een concessie voortijdig eindigt, wordt er geen terugbetaling gedaan.



Artikel 9: VERWAARLOZING

 

Het onderhoud van de percelen en alles wat zich erop bevindt, is de verantwoordelijkheid van de concessionarissen en/of diens nabestaanden.

 

Het onderhoud van de geconcedeerde graven berust op de verantwoordelijkheid van de concessionarissen. Indien een geconcedeerd graf door plantengroei overwoekerd wordt, vervallen, ingestort of bouwvallig is, kan de gemeente een procedure verwaarlozing opstarten.

 

De procedure wordt geconstateerd in een akte tot bekendmaking door de burgemeester of zijn gemachtigde. Deze akte wordt een jaar lang bij het graf én aan de ingang van de begraafplaats uitgehangen. Na het verstrijken van deze termijn en bij niet herstel van het vervallen graf, kan het college van burgemeester en schepenen een einde stellen aan de concessie. De betaalde concessieprijs kan noch geheel noch gedeeltelijk teruggevorderd worden.

 


Artikel 10: SLOTBEPALINGEN

 

De concessiehouder moet zich gedragen zowel naar de bepalingen van de wetten en reglementen die thans van kracht zijn of later nog zullen ingevoerd worden inzake de begraafplaatsen en de begravingen alsook naar de ordemaatregelen welke de dienst burgerzaken of de grafmakers in de toekomst zouden kunnen opleggen.

 

Gevallen niet bepaald in het huidig reglement worden geregeld door het college van burgemeester en schepenen.

 


 

Artikel 2: Het concessiereglement op de begraafplaatsen en lijkbezorging van 24 mei 2022 wordt met ingang van 1 februari 2024 opgeheven.

 

Artikel 3: Overeenkomstig artikel 286 §1 van het decreet lokaal bestuur maakt de burgemeester het besluit en de inhoud ervan bekend via de webtoepassing van de gemeente (gekwalificeerd als "reglement"). 
Op dezelfde dag brengt de gemeente overeenkomstig artikel 330 van het decreet lokaal bestuur de toezichthoudende overheid op de hoogte.